Hoofdstuk · Landbouw, dieren & ecosystemen
Teeltplanning
Hoeveel grond, wat wanneer, en hoe je een jaar vooruit eet
Concepttekst. Nog niet getoetst door een vakdeskundige. Volg altijd actuele instructies van de overheid en hulpdiensten. Bij acuut gevaar: bel 112.
Gevaar · Groene aardappels en misoogst Gooi groene knollen weg: ze kunnen giftig zijn (RHS). Dek knollen altijd af tegen licht (04.14 Voedsel dat giftig is als je het verkeerd bereidt).
- Eet nooit gebeitst zaad of pootgoed (VK.D07 Gebeitst en behandeld zaaizaad herkennen).
- Rauwe of half gekookte droge bonen kunnen je ziek maken wordt getoetst (VK.D01 Bonen veilig weken en koken).
- Een misoogst is normaal. Houd altijd een reserve voor minstens één slecht seizoen wordt getoetst.
- Eet je maanden bijna alleen één gewas, let dan op tekorten (04.12 Tekorten herkennen: scheurbuik en meer).

Waarom dit telt
Een moestuin die in de zomer sla geeft, houdt je in januari niet in leven. Eten voor een heel jaar vraagt veel meer grond, een plan dat maanden vooruitkijkt en plek om te bewaren. Dit hoofdstuk rekent eerlijk uit wat een stuk grond oplevert, en zegt per maand wat je zaait en wat je eet.
Als er nog hulp is Vraag volkstuinders en boeren in je buurt wanneer zij zaaien en welke rassen daar lukken. Die kennis weegt zwaarder dan elke kalender in dit boek.
Eerst doen
- Tel de monden. Reken met 2100 kcal per persoon per dag, en met 2500 kcal voor wie zwaar werkt.
- Meet je grond in vierkante meters. Trek paden, schaduw en plekken zonder water ervan af.
- Geef de meeste grond aan gewassen die energie leveren: aardappel, maïs of graan, droge bonen en pompoen.
- Verdeel de grond in vier gelijke vakken en schrijf op wat waar staat.
- Leg pootgoed en zaad voor volgend jaar apart voordat je eet (13.07 Zaden verzamelen en bewaren).
- Begin op de dag van je eerste zaaisel een logboek.
Wat je nodig hebt
- Een meetlint, touw en piketten om vakken uit te zetten.
- Een schrift en potlood.
- Zaad en pootgoed van bekende herkomst, zonder beitsmiddel (VK.D07 Gebeitst en behandeld zaaizaad herkennen).
- Spade, hark en schoffel (09.02 Handgereedschap).
- Een donkere, koele en vorstvrije bewaarplek met kisten en zakken, beschermd tegen muizen (VK.D05 Voorraad beschermen tegen muizen, ratten en motten).
- Een waterroute die je echt kunt dragen (13.03 Water in de bodem, 13.04 Een moestuin beginnen).
Werkwijze
Hoeveel grond per persoon
Niemand weet het precies. De bronnen rekenen met andere diëten, grond en vakmanschap.
| № | Bron | Grond per persoon | Waar dat op rust |
|---|---|---|---|
| 1 | Jeavons en Ecology Action, jaren 70 | 370 m² teelt, plus 370 m² voor paden en opslag | Vegetarisch dieet, uit de tweede hand; intensieve handteelt wordt getoetst |
| 2 | Mt. Pleasant 2016 | Ongeveer 745 m², zonder paden | Veldproeven met maïs, boon en pompoen in New York, 2500 kcal per dag |
| 3 | Peters e.a. 2016 | 1300 tot 10.800 m² wordt getoetst | Tien diëten met en zonder vlees, landbouwgrond in de Verenigde Staten |
Onze keuze: plan 1000 m² per volwassene voor bijna alle energie, op redelijke grond, na een paar jaar ervaring wordt getoetst. Zie 370 m² als ondergrens voor zeer ervaren telers met goede compost, niet als plan. Reken in je eerste jaar op de helft van wat de tabel hieronder belooft wordt getoetst.
Eerlijk over calorieën
| № | Gewas | Opbrengst per m² | Energie per kg | Energie per m² | Sterk en zwak |
|---|---|---|---|---|---|
| 1 | Aardappel | 2 tot 3 kg wordt getoetst; beroepsteelt in Nederland 4,7 kg (CBS, 2023) | 770 kcal wordt getoetst | 1500 tot 2300 kcal wordt getoetst | Meeste energie, maar zwaar, bederft en is gevoelig voor ziekte |
| 2 | Maïs, droog | 0,33 kg (Mt. Pleasant) | 3650 kcal | Ongeveer 1200 kcal | Bewaart goed; als hoofdvoedsel eerst bewerken (VK.D03 Maïs nixtamaliseren met kalk of houtas) |
| 3 | Tarwe, rogge of gerst | 0,2 tot 0,4 kg wordt getoetst | 3400 kcal wordt getoetst | 700 tot 1400 kcal wordt getoetst | Bewaart lang, maar je moet dorsen en malen (04.16 Graan dorsen, wannen en malen) |
| 4 | Pompoen | 1,4 kg vlees en 27 g pitten (Mt. Pleasant) | Vlees 260 kcal, pitten 5590 kcal | Ongeveer 500 kcal | Bewaart maanden, pitten geven vet en eiwit |
| 5 | Droge bonen | 0,08 kg (Mt. Pleasant); tot 0,15 kg wordt getoetst | 3370 kcal | 270 tot 500 kcal | Weinig energie per m², maar 225 g eiwit per kg |
| 6 | Kool, tomaat, sla, wortel | Wisselt | Laag | Laag wordt getoetst | Vitamines en afwisseling, geen energie |
Drie dingen vallen op:
- Aardappel wint op energie. Toch kun je er niet alleen van leven: je zou elke dag ongeveer 2,7 kg moeten eten wordt getoetst, en één ziektejaar neemt alles weg. Dat overkwam Ierland in 1845 wordt getoetst. Plant daarom nooit alleen aardappels.
- Bonen winnen niet op energie, wel op eiwit. Een volwassene heeft ongeveer 22 kg eiwit per jaar nodig (60 gram per dag, Mt. Pleasant). Zie ook 03.01 Wat het lichaam nodig heeft.
- Vet ontbreekt bijna overal. Zoek het in pompoenpitten, noten (13.08 Bomen en boomgaarden) en bij dieren (13.10 Dierhouderij begrijpen).
Voorbeeld: 500 m² voor één volwassene
| № | Grond | Gewas | Energie per jaar |
|---|---|---|---|
| 1 | 150 m² | Aardappel, 2,5 kg per m² | 289.000 kcal wordt getoetst |
| 2 | 150 m² | Maïs of graan, 1000 kcal per m² | 150.000 kcal wordt getoetst |
| 3 | 100 m² | Bonen, erwten, tuinbonen | 30.000 kcal wordt getoetst |
| 4 | 100 m² | Pompoen, kool, ui, wortel, tomaat | 30.000 kcal wordt getoetst |
Samen is dat ongeveer 500.000 kcal, of 1370 kcal per dag. Trek een kwart af voor pootgoed, zaad, rot en muizen wordt getoetst. Dan houd je ruim 1000 kcal per dag over: de helft van wat je nodig hebt. Een gemengde tuin van 100 m² geeft vitamines en smaak, maar ongeveer een tiende van je energie wordt getoetst. De rest komt uit de voorraad (04.01 De voedselvoorraad, VK.D06 Rantsoenen plannen voor een groep en een winter) en uit samenwerken (13.13 Een lokaal voedselsysteem).
Grond is niet altijd wat je beperkt. Vaak zijn dat water, compost en handen. Plant nooit meer dan je kunt begieten en wieden.
Zaaikalender
De data komen uit de RHS (Engeland) en de kalender van Velt (Vlaanderen), dus vergelijk ze met je eigen streek.
| № | Gewas | Buiten |
|---|---|---|
| 1 | Aardappel | Eind maart tot begin mei |
| 2 | Tuinboon | Februari tot april wordt getoetst |
| 3 | Erwt | Februari binnen voorzaaien, maart uitplanten |
| 4 | Spinazie | Tot eind maart, weer in augustus wordt getoetst |
| 5 | Wortel | Maart tot eind juni |
| 6 | Ui | Plantuitjes in maart en april wordt getoetst |
| 7 | Kool | Voorzaaien tot half mei, planten tot in juni |
| 8 | Sla | Maart tot eind april, later opnieuw |
| 9 | Struikboon en pronkboon | Mei, pronkboon tot eind juni |
| 10 | Pompoen | April binnen, buiten tot eind mei |
| 11 | Tomaat | Maart binnen wordt getoetst, naar buiten na half mei |
| 12 | Maïs | Mei wordt getoetst |
| 13 | Tarwe, gerst, rogge | Oktober, of maart voor zomergraan wordt getoetst |
| 14 | Kikkererwt | Onzeker in dit klimaat wordt getoetst |
Vorst bepaalt de kalender. Tot half mei (IJsheiligen) kan het aan de grond nog vriezen (IVN). Zet tomaat, boon, pompoen en maïs niet eerder buiten. Op koude klei begin je later dan op zand wordt getoetst.
Kalenders verschuiven. Houd zelf de datum bij (14.14 Tijd en kalender bijhouden) en kijk naar de grond: is die nat en koud, wacht dan.
Wisselbouw in vier vakken
Zet een gewas elk jaar in een ander vak. Zo bouwen ziekten en plagen in de grond minder op (RHS). In Nederland gold in 1994 de wettelijke regel: aardappels één keer in de vier jaar op dezelfde grond, tegen aardappelmoeheid (aardappelcysteaaltje). Reken dus op vier vakken, plus een eigen stukje voor vaste planten zoals rabarber en asperge.
| № | Jaar | Vak A | Vak B | Vak C | Vak D |
|---|---|---|---|---|---|
| 1 | 1 | Aardappel, tomaat | Ui, wortel, biet | Bonen, erwten | Kool |
| 2 | 2 | Ui, wortel, biet | Bonen, erwten | Kool | Aardappel, tomaat |
| 3 | 3 | Bonen, erwten | Kool | Aardappel, tomaat | Ui, wortel, biet |
| 4 | 4 | Kool | Aardappel, tomaat | Ui, wortel, biet | Bonen, erwten |
Deze volgorde volgt de RHS: kool komt na peulvruchten, aardappel na kool, en wortel en ui na aardappel. Pompoen, sla en maïs mogen volgens de RHS overal staan, zolang ze niet te vaak op dezelfde plek komen. Graan past in het vak van de bonen of in een vijfde vak wordt getoetst. Compost geef je vooral vóór aardappel en kool wordt getoetst (13.02 Bodemleven en compost).
Wisselbouw lost niet alles op. Knolvoet in kool en witrot in ui kunnen jaren in de grond blijven zitten wordt getoetst (13.15 Gewasziekten en plagen zonder gif). Zet je twee teelten per jaar op één vak, zoals boerenkool na vroege aardappels, zet dan nooit twee keer achter elkaar dezelfde familie (13.06 Gewassen combineren).
Opeenvolgend zaaien
Zaai je alles op één dag, dan is alles op één dag rijp en de helft bederft. Zaai daarom kleine partijen.
- Sla, radijs, spinazie: zaai elke drie tot vier weken een stukje wordt getoetst. Velt adviseert sla en spinazie één of twee keer te zaaien, met minstens een maand ertussen.
- Bonen en wortel: twee of drie partijen wordt getoetst, de laatste rond eind juni.
- Na vroege aardappels of erwten: in juli komt grond vrij. Plant boerenkool of prei, of zaai een groenbemester (13.06 Gewassen combineren).
- Bewaargewassen: aardappel, pompoen en ui zet je juist in één keer, zo dat ze rijp zijn als het koeler wordt.
Oogst en bewaren per maand
| № | Maand | Oogsten en eten |
|---|---|---|
| 1 | Januari, februari | Boerenkool, prei, voorraad wordt getoetst |
| 2 | Maart, april | Laagste punt: voorraad, eerste spinazie wordt getoetst |
| 3 | Mei, juni | Sla, spinazie, erwten wordt getoetst, vroege aardappel vanaf juni |
| 4 | Juli, augustus | Aardappel, bonen, tomaat, courgette wordt getoetst |
| 5 | September, oktober | Hoofdoogst aardappel, pompoen, ui, droge bonen, maïs wordt getoetst |
| 6 | November, december | Wortel, kool, prei, voorraad wordt getoetst |
Maart en april zijn de hongermaanden: de voorraad raakt op en de tuin geeft nog niets wordt getoetst. Plan je opslag op dat gat.
| № | Soort | Hoe bewaren | Hoelang |
|---|---|---|---|
| 1 | Aardappel | Eerst harden: 7 tot 10 dagen warm en donker (Alaska), of twee weken bij 10 tot 16 °C (Inforum). Daarna koud, donker en vorstvrij. Alaska zegt niet boven 4 °C, Inforum boven 3 °C tegen zoet worden: mik op 4 °C. Alaska en Inforum zeggen vochtig, de RHS zegt droog: kijk wat bij jou minder rot geeft | Tot het voorjaar (RHS) |
| 2 | Wortel, biet | Koud en vochtig: 0 tot 4 °C en 95 procent vocht (Inforum), bijvoorbeeld in vochtig zand wordt getoetst | Maanden wordt getoetst |
| 3 | Ui | Weken laten drogen, dan koel en droog met luchtstroom (Alaska): 0 tot 4 °C en 60 procent vocht (Inforum) | Tot 4 maanden (Inforum) |
| 4 | Pompoen | Droog en niet koud: 10 tot 13 °C (Inforum). In vocht schimmelt hij snel (Alaska) | 2 tot 4 maanden (Inforum) |
| 5 | Droge bonen, graan | Goed droog, dicht tegen muizen en motten (04.05 Drogen en bewaren) | Een jaar of langer wordt getoetst |
Een kleine, volle kelder houdt vocht beter vast dan een grote lege, en een aarden vloer helpt (Alaska). Wordt je bewaarplek in het voorjaar te warm, eet aardappels dan vlot op, of droog en maak in (04.09 Inmaken en het botulismegevaar).
Het logboek
Zonder logboek maak je elk jaar dezelfde fout. Schrijf per vak en per teelt op:
- Datum, gewas, ras en partijcode van het zaad.
- Hoeveel gezaaid, hoeveel opgekomen.
- Eerste en laatste vorst, regen in millimeters, droge weken (14.15 Het weer lezen).
- Hoeveel liters water, hoeveel uren werk.
- Wat er misging: ziekte, vraat, te laat gezaaid.
- De oogst in kilo's, gewogen, en het verlies in de opslag.
Reken elke winter uit: hoeveel kilo per vierkante meter kreeg ik echt, en hoeveel dagen eten was dat? Vervang de getallen uit de tabel door die van jou. Teken ook elk jaar de vakken, zodat je na vier jaar nog weet wat waar stond.
Zo weet je dat het werkt
- Je kunt op papier laten zien hoeveel kcal je plan per persoon geeft, met je eigen gewogen oogst.
- Elke maand staat er iets op je bord uit tuin of opslag, ook in de hongermaanden.
- Geen vak draagt twee jaar achter elkaar dezelfde familie.
- Je hebt pootgoed en zaad voor volgend jaar liggen voordat de voorraad opraakt.
- Het verlies in de opslag blijft onder een kwart wordt getoetst.
Zo weet je dat het misgaat
- Je oogst is de helft van je plan: normaal in jaar één. Weeg en schrijf op, verlaag je plan, kijk naar water en compost.
- Alles is tegelijk rijp en bederft: droog of maak nu in, en zaai volgend jaar kleinere partijen.
- Bruine vlekken op aardappelloof na natte, warme dagen: dat kan aardappelziekte zijn wordt getoetst. Oogst snel en eet die knollen eerst, want ze bewaren niet (RHS).
- Kool groeit slecht en heeft knobbelige wortels: dat kan knolvoet zijn wordt getoetst. Zet daar jaren geen kool meer.
- Aardappels lopen uit of rotten: te warm, te vochtig of beschadigd. Sorteer om de paar weken en eet de slechte eerst.
- Je redt het water dragen niet: maak het vak kleiner in plaats van alles half te doen.
Gevaar · Groene aardappels en misoogst Gooi groene knollen weg: ze kunnen giftig zijn (RHS). Dek knollen altijd af tegen licht (04.14 Voedsel dat giftig is als je het verkeerd bereidt).
- Eet nooit gebeitst zaad of pootgoed (VK.D07 Gebeitst en behandeld zaaizaad herkennen).
- Rauwe of half gekookte droge bonen kunnen je ziek maken wordt getoetst (VK.D01 Bonen veilig weken en koken).
- Een misoogst is normaal. Houd altijd een reserve voor minstens één slecht seizoen wordt getoetst.
- Eet je maanden bijna alleen één gewas, let dan op tekorten (04.12 Tekorten herkennen: scheurbuik en meer).
Als je iets mist
| № | Mis je | Gebruik dan |
|---|---|---|
| 1 | Pootaardappels | Kleine gezonde eetaardappels van vorig jaar. De kans op ziekte is groter wordt getoetst |
| 2 | Weegschaal | Een emmer van bekende inhoud. Weeg één emmer tegen water: een liter is een kilo |
| 3 | Vier vakken | Twee vakken en elk jaar wisselen. Beter dan niets, maar zwak tegen aaltjes wordt getoetst |
| 4 | Kelder | Een kuil of hoop met stro en aarde, op natte grond alleen een hoop wordt getoetst; anders een vat vochtig zand in de koelste hoek |
Achtergrond
Een plant vangt zonlicht en maakt daar zetmeel, suiker of olie van. Aardappel en maïs slaan veel zetmeel op, en daarom geven ze veel energie per vierkante meter. Bonen steken een deel van hun energie in eiwit, en leven deels van stikstof uit de lucht. Daarom leveren ze minder kilo's, maar laten ze grond achter waar kool goed op groeit wordt getoetst.
Ziekten en aaltjes in de grond leven van één familie. Komt die familie een paar jaar niet terug, dan zakt hun aantal. Daarom telt de familie en niet het gewas: tomaat na aardappel is geen wisseling.
De opbrengsten in dit hoofdstuk liggen lager dan die van boeren. Beroepstelers werken met kunstmest, machines, bestrijding en gekeurd pootgoed. Zonder dat zakt de opbrengst. Hoeveel, dat hangt van je grond af. Alleen je eigen logboek geeft het echte getal.
Bewijs: vier vakken en wisselen op familie B (RHS, oude wettelijke regel voor aardappel, veel praktijk). Bewaartabel B (universitaire voorlichting, bronnen verschillen op temperatuur). Oppervlak per persoon C: schattingen met veel aannames. Opbrengst van maïs, boon en pompoen B voor New York, C voor jouw grond. Opbrengst van aardappel en graan zonder kunstmest C tot D. Zaaikalender B tot C.
Volgende niveau
Combineer gewassen op één vak (13.06 Gewassen combineren). Teel je eigen zaad en pootgoed (13.07 Zaden verzamelen en bewaren). Plant bomen voor fruit en vet (13.08 Bomen en boomgaarden). Reken na drie jaar logboek opnieuw uit hoeveel mensen je grond voedt, en spreek met buren af wie wat teelt (13.13 Een lokaal voedselsysteem).
Controlelijst
- Ik heb mijn grond gemeten en weet hoeveel kcal per persoon ik daar realistisch van haal.
- Ik weet dat 500 m² per persoon ongeveer de helft geeft, en dat 100 m² vooral vitamines geeft.
- Ik plant nooit maar één hoofdgewas.
- Mijn grond is verdeeld in vier vakken en het plan staat op papier.
- Ik zet tot half mei niets vorstgevoeligs buiten.
- Mijn bewaarplek is koel, donker en muisvrij, en ik sorteer om de paar weken.
- Ik schrijf datum, gewas, opbrengst en verlies op, en ik weeg mijn oogst.
Verantwoording
- GrowVeg: Growing Enough Food to Feed a Family: 370 m² teelt plus 370 m² paden en opslag voor een vegetarisch dieet (Jeavons en Ecology Action, hier uit de tweede hand); opbrengst verschilt per klimaat en grond.
- Mt. Pleasant (2016): Food Yields and Nutrient Analyses of the Three Sisters, Ethnobiology Letters 7(1): opbrengst per hectare van maïs, boon en pompoen, energie en eiwit per kilo (USDA-gegevens), 2500 kcal en 60 gram eiwit per dag, 13,42 mensen per hectare per jaar. De m²-waarden en 745 m² zijn daaruit berekend.
- Peters e.a. (2016): Carrying capacity of U.S. agricultural land: Ten diet scenarios, Elementa (niet ingezien, alleen zoekresultaat): 0,13 tot 1,08 hectare per persoon per jaar over tien diëten.
- CBS: Opbrengst zaaiuien en consumptieaardappelen vergelijkbaar met vorig jaar: 47,0 ton per hectare consumptieaardappelen in 2023.
- FEWS NET: 2100 Kilocalories: 2100 kcal per persoon per dag als internationaal aanvaard minimum.
- RHS: Crop rotation: groepen, drie of vier vakken, volgorde, vaste planten apart, gewassen die overal mogen, knolvoet en witrot.
- RHS: Potatoes: pootmaanden, oogst, bewaren tot het voorjaar, aardappelziekte, groene knollen.
- Staatsblad 1994, 121: wijziging van het Besluit bestrijding aardappelmoeheid 1991, aardappels één keer in de vier jaar op dezelfde grond. Of deze regel nog geldt, hebben we niet nagegaan.
- Velt: Schoolmoestuinkalender 2025: zaai- en plantdata per week voor Vlaanderen, partijen sla en spinazie.
- IVN: Factsheet zaaien: tot half mei (IJsheiligen) kan het aan de grond nog vriezen.
- University of Alaska Fairbanks: Vegetable Storage in Root Cellars: harden van aardappels, niet boven 4 °C, 80 tot 95 procent vocht, ui en pompoen droog, kleine volle kelder, aarden vloer.
- InForum: Growing Together: Store a winter's supply of garden vegetables: temperatuur, vocht en bewaartijd per groep, aardappels boven 3 °C tegen zoet worden. Krantenrubriek, zwakke bron.
Niet met een primaire bron onderbouwd en daarom gemarkeerd: de opbrengst van aardappel en graan zonder kunstmest, de energie van aardappel en graan per kilo en alles wat daaruit is berekend, de voorbeeldrekening van 500 m², het verlies van een kwart, de data voor tuinboon, ui, maïs en graan, de oogsttabel per maand, hoelang knolvoet en witrot in de grond blijven, de hongermaanden, de Ierse aardappelhongersnood en het getal van Peters. Getoetst door: nog niet.