Vaardigheid · Voedsel verwerven
Rantsoenen plannen voor een groep en een winter
Hoeveel kilo je nodig hebt tot de volgende oogst
Concepttekst. Nog niet getoetst door een vakdeskundige. Volg altijd actuele instructies van de overheid en hulpdiensten. Bij acuut gevaar: bel 112.

Waarvoor
Weten of je voorraad de winter haalt, en zo niet, het in oktober al weten in plaats van in maart. Je rekent in kilocalorieën, zet die om in kilo's, en controleert eiwit, vet en vitamines.
Wat je nodig hebt
- Een lijst van alle mensen met leeftijd en werk.
- Een lijst van de voorraad in kilo's.
- De tabel hieronder, een schrift en een rekenmachine of potlood.
Stappen
- Schrijf per persoon de behoefte op. Richtwaarden per dag: man met zwaar werk 3.000 tot 3.500 kilocalorieën, vrouw met gewoon werk 2.200 tot 2.500, oudere 1.800 tot 2.000, kind van 4 tot 8 jaar 1.400 tot 1.800, kind van 9 tot 13 jaar 1.800 tot 2.400 wordt getoetst. Zwanger: 300 erbij, borstvoeding: 500 erbij wordt getoetst. Werk buiten in de kou: 10 procent erbij. Het minimum voor een groep in nood is 2.100 per persoon per dag.
- Tel alles op tot de behoefte van de groep per dag.
- Vermenigvuldig met het aantal dagen tot de volgende oogst.
- Verdeel die energie over productgroepen: bijvoorbeeld graan 55 procent, peulvruchten 15, vet 15, aardappelen 5, suiker en honing 5, en de rest 5 procent.
- Deel elk deel door de kilocalorieën per kilo uit de tabel.
- Tel 15 procent op voor verlies door bederf, ongedierte en tegenvallers.
- Controleer het eiwit: 50 tot 70 gram per volwassene per dag.
- Plan vitamine C (zuurkool, kiemen, rozenbottels, aardappelen), vitamine D in de Nederlandse winter, en jodium uit gejodeerd zout (04.12). Reken 8 gram zout per persoon per dag, plus zout om te conserveren.
- Verdeel de voorraad in maandporties en geef wekelijks uit. Noteer alles.
- Kom je tekort, verlaag het rantsoen dan meteen een beetje, niet later veel. Verlaag het rantsoen van kinderen, zwangeren en zieken als laatste.
| № | Product | Kilocalorieën per kilo | Eiwit per kilo |
|---|---|---|---|
| 1 | Tarwe, rogge, gerst | 3.300 | 110 gram |
| 2 | Haver | 3.800 | 130 gram |
| 3 | Rijst, maïs | 3.600 | 70 tot 90 gram |
| 4 | Gedroogde bonen, linzen, erwten | 3.400 | 220 gram |
| 5 | Reuzel, talg, olie | 9.000 | 0 |
| 6 | Boter | 7.200 | 10 gram |
| 7 | Suiker | 4.000 | 0 |
| 8 | Honing | 3.000 | 0 |
| 9 | Aardappelen | 770 | 20 gram |
| 10 | Gedroogd fruit | 2.500 tot 3.000 | 30 gram |
| 11 | Noten | 6.000 | 150 tot 200 gram |
| 12 | Harde kaas | 3.500 tot 4.000 | 250 gram |
De waarden zijn afgerond wordt getoetst.
Rekenvoorbeeld. Tien mensen: vier mannen met zwaar werk (4 keer 3.200), drie vrouwen (3 keer 2.400), een oudere (1.900), twee kinderen van 8 en 12 jaar (1.600 en 2.200). Samen 25.700 kilocalorieën per dag. Van 1 november tot 30 april zijn dat 180 dagen: 4.626.000 kilocalorieën.
| № | Groep | Kilocalorieën | Per kilo | Kilo |
|---|---|---|---|---|
| 1 | Graan 55 procent | 2.544.300 | 3.400 | 748 |
| 2 | Peulvruchten 15 procent | 693.900 | 3.400 | 204 |
| 3 | Vet 15 procent | 693.900 | 9.000 | 77 |
| 4 | Aardappelen 5 procent | 231.300 | 770 | 300 |
| 5 | Suiker en honing 5 procent | 231.300 | 3.500 | 66 |
| 6 | Overig 5 procent | 231.300 | 3.000 | 77 |
Samen 1.472 kilo, met 15 procent verlies ongeveer 1.700 kilo: 0,82 kilo per persoon per dag. Eiwit: ongeveer 80 gram per persoon per dag. Het graan past in ongeveer 50 emmers van 20 liter, de peulvruchten in 14 wordt getoetst. Zout: 10 mensen keer 180 dagen keer 8 gram is ruim 14 kilo.
Zo controleer je het
- Elke maand weeg je de voorraad en vergelijk je die met het plan.
- Niemand verliest meer dan 1 kilo per maand zonder reden. Weeg iedereen maandelijks.
- Je hebt per voedingsstof een bron: energie, eiwit, vet, vitamine C, jodium.
Veelgemaakte fouten
- Alleen in kilo's rekenen. Een kilo aardappelen geeft een kwart van de energie van een kilo graan.
- Geen verlies meerekenen.
- Vet vergeten. Zonder vet haal je de energie bijna niet in een koude winter.
- Te laat rantsoeneren.
Oefenen Reken het plan uit voor je eigen huishouden en je eigen voorraad. Hoeveel dagen houd je het vol? Wat ontbreekt het eerst?
Proeve Je maakt in twee uur voor een groep van tien mensen een winterplan in kilo's per product, inclusief eiwitcontrole en verlies, en een tweede medewerker komt met dezelfde getallen binnen 5 procent uit.