Het Nulpunt, startpagina
  1. Home
  2. Kennis
  3. Landbouw, dieren & ecosystemen
  4. Kippen en konijnen

Hoofdstuk · Landbouw, dieren & ecosystemen

Kippen en konijnen

Hok, voer uit eigen omgeving, broeden, ziekte en wat een dier echt oplevert

Concepttekst. Nog niet getoetst door een vakdeskundige. Volg altijd actuele instructies van de overheid en hulpdiensten. Bij acuut gevaar: bel 112.

Gevaar · Vogelgriep, salmonella en zieke dieren Raak dode kippen of wilde vogels niet met blote handen aan. Gebruik handschoenen of een plastic zak, doe ze in een dichte zak of begraaf ze, en was je handen met zeep. Het RIVM noemt besmetting zeldzaam en alleen mogelijk bij nauw en veel contact; toch houd je kinderen en zieken weg.

  • Eet nooit een dier dat ziek was of dood gevonden is, en geef het ook niet aan honden, katten of varkens wordt getoetst.
  • Geen kippen in huis en geen kuikens bij kinderen onder de vijf (13.10).
  • Kook eieren door. Gebarsten eieren gooi je weg.
  • Koorts of griepklachten na contact met zieke vogels: houd die persoon apart en lees 07.08 Koorts en besmettelijke ziekten.
In de schemering tellen een vader en zijn dochter de laatste kippen die over een plank door het luik van een opgelapt hok gaan.
Gegenereerd beeld, geen praktijkfoto.

Waarom dit telt

Kippen en konijnen zijn de eerste dieren die bijna elke groep kan houden: ze passen in een tuin, drinken weinig en je slacht ze zelf. Een kip maakt van insecten en resten eieren, een konijn maakt van gras vlees. Maar een hok zonder dicht gaas kan in één nacht leeg zijn, een hete dag doodt konijnen, en een kip die alleen graan eet, kost meer eten dan ze geeft. 13.10 Dierhouderij begrijpen leert je rekenen; dit hoofdstuk is het handwerk.

Als er nog hulp is Meld ziekte of sterfte onder kippen: in Nederland is dat verplicht, via het Landelijk meldpunt dierziekten (+31 45 546 31 88), ook met een paar kippen in de tuin wordt getoetst. Laat konijnen nu vaccineren tegen myxomatose en RHD.

Eerst doen

  1. Bouw eerst hok en ren en controleer ze op gaten. Haal daarna pas dieren.
  2. Begin klein: vier tot zes hennen, of twee voedsters en een ram.
  3. Sluit de dieren elke avond voor de schemer op, en tel ze.
  4. Bewaar voer in een metalen ton met deksel. Laat 's nachts niets in de bak liggen.
  5. Regel schaduw en water voor de heetste dag voordat de zomer begint.
  6. Spreek af wie eten geeft als jij ziek bent (15.02 Taken verdelen).

Wat je nodig hebt

  • Volièregaas met mazen van ongeveer 13 mm, palen, nietjes en draad. Kippengaas met grote mazen houdt kippen binnen, maar geen vos of marter wordt getoetst.
  • Voor kippen: een droog hok, stokken, een legnest per vier of vijf hennen wordt getoetst, een luik met grendel.
  • Voor konijnen: hokken met een dichte slaapkant, een nestkist per voedster, een hooiruif.
  • Strooisel: stro, blad, houtkrullen van onbehandeld hout.
  • Een zaklamp en een doos met een gat om eieren te schouwen, en een rieten mand voor een hen met kuikens.
  • Een apart hok voor ziek of nieuw, en een schrift voor leg, dekdatums, worpen en sterfte.

Werkwijze

Het kippenhok en de ren

De handleiding van het Network for Smallholder Poultry Development rekent 1,5 tot 2 m² voor 10 tot 12 volwassen kippen. Dat past bij de zes kippen per m² uit de EU-regels voor biologische houderij (13.10). Buiten geef je minstens 4 m² per kip.

  • Droog en luchtig. Vloer hoger dan de grond rondom, ventilatie boven de kippen, stokken hoger dan de nesten wordt getoetst.
  • Gaas tegen graven. Leg onderaan een schort van 30 tot 50 cm plat naar buiten, of graaf het gaas 30 cm in wordt getoetst. Dek de ren af: vossen klimmen en marters passen door kleine gaten wordt getoetst.
  • Schoon. Was voer- en waterbak elke dag. Ververs nesten wekelijks; wat as op het stro helpt tegen parasieten. Kalk hok en stokken af en toe wit; kalk is bijtend, dus lees eerst 11.07 Kalk branden en blussen.
  • Klimaat. Het hok moet droog staan en uit de wind, met schaduw in de zomer: een hok in de volle zon kan kippen doden bij een hittegolf wordt getoetst. Geef een stoffige plek; stofbaden helpen tegen mijten wordt getoetst.

Het konijnenhok

De EU-minimummaten voor een voedster zijn 0,5 tot 0,6 m² binnen plus 2,5 m² buiten. Geef elk volwassen dier een eigen hok, want rammen vechten wordt getoetst. Leg in een ren gaas onder de grond tegen graven. Haal de natte hoek dagelijks weg: vocht geeft darmziekte wordt getoetst.

Hitte is de grootste doder. Het MSD-handboek meldt dat heet, vochtig weer in slecht geventileerde hokken veel dieren kan doden, vooral drachtige voedsters, en dat rammen daarna weken onvruchtbaar kunnen zijn. Het geeft een vuistregel: graden Fahrenheit plus luchtvochtigheid in procenten mag niet boven 150 komen. Bij 30 graden (86 °F) is dat 64 procent vochtigheid, bij 35 graden (95 °F) 55 procent. Een zoekresultaat noemt langdurig boven 27 graden al gevaarlijk wordt getoetst; wij houden voorzichtig 27 graden aan als alarm. Zet hokken in de schaduw, open aan twee kanten, zorg voor koel water en maak het hok nat op hete dagen. Natte zakken in de luchtstroom helpen alleen bij droge lucht wordt getoetst. Dek niet tijdens een hittegolf wordt getoetst.

Voer zonder gekocht mengvoer

Kippen eten wat ze vinden, maar leggen weinig als ze alleen dat krijgen. De FAO noemt voor dorpskippen ongeveer 35 g graan per hen per dag bovenop scharrelen, en aanvullen als de begroeiing droog en vezelig is. Dat is een derde van de 110 g uit 13.10: de rest moet uit de ren komen. Daarom verplaats je de ren als hij kaal is.

№VoorGeefLet op
1EnergieGraan, gekookte aardappel, pompoen, brood, schillen wordt getoetstGeen beschimmeld voer, geen groene aardappel of aardappelloof
2EiwitMeelwormen en maden (03.08 Insecten en ongewervelden), slakken, gekookt visafval, wei, gekookte erwten en bonen wordt getoetstKuikens hebben dit het meest nodig. Peulvruchten eerst koken (VK.D01 Bonen veilig weken en koken). Geen rauw vlees en geen resten van geslachte kippen wordt getoetst
3KalkEierschalen en slakkenhuizen, verhit, gedroogd en fijngestampt wordt getoetstZonder kalk komen dunne schalen. Stamp zo fijn dat ze het ei niet herkennen, anders leren ze eieren eten wordt getoetst
4GroenGras, onkruid, loof, brandnetelGiftige planten: 03.03 Giftige planten en dubbelgangers

In een Wageningse proef bleven hennen goed leggen bij 14,7 procent eiwit in het voer, met toegevoegde aminozuren; bij 13,5 procent daalde de leg. Zonder mengvoer zit je daar vaak onder, dus reken op minder eieren.

Konijnen leven van gras, hooi en groen: ongeveer 100 g droog voer per dag (13.10), en een zogende voedster eet onbeperkt. De FAO-cijfers van 150 g voor een drachtige voedster en 100 tot 130 g voor een vleeskonijn gaan over krachtvoer, niet over gras. Maak hooi de basis, verander het voer langzaam en geef geen broeiend nat gras wordt getoetst.

Leggen

Hennen beginnen te leggen op 22 tot 32 weken en leggen het meest rond 40 tot 50 weken. Een scharrelkip legt 3 tot 4 legsels van 10 tot 15 eieren per jaar. Korte dagen en de rui stoppen de leg bijna wordt getoetst. Raap meerdere keren per dag, dan wordt een hen minder snel broeds. Een hen die haast niets legt, gaat de pan in.

Broeden

Je hebt een haan nodig; één op 8 tot 12 hennen is genoeg wordt getoetst. Kies een ras dat nog broeds wordt: moderne legrassen doen dat nauwelijks. Een hen broedt beter dan een machine: 80 tot 100 procent komt uit, tegen 60 tot 80 procent in een broedmachine (Keeping Village Poultry).

  1. Kies schone, gave eieren van gewone maat, van je beste hen. Maximaal 10 dagen oud onder 20 graden, 5 dagen als het warmer is.
  2. Zet de broedse hen apart in een rustig, donker nest met vers stro en wat as, met water en voer dichtbij.
  3. Leg zoveel eieren onder als zij kan bedekken, meestal 10 tot 13 wordt getoetst, allemaal op dezelfde dag.
  4. Schouw op dag 7 tot 10 in het donker. Een bevrucht ei toont bloedvaten en een donkere vlek. Een bloedring is een dood embryo. Haal dode en onbevruchte eieren weg, ze kunnen barsten.
  5. Na 21 dagen komen de kuikens uit (eendeneieren na 28). Maak in droge hitte de borst van de hen wat nat, om de lucht rond de eieren vochtig te houden.
  6. Houd hen en kuikens 4 tot 7 dagen samen onder een mand, op droog strooisel, met schoon water en eiwitrijk voer. Laat daarna eerst de hen los en later overdag de kuikens. Tot ongeveer 4 weken blijven ze 's nachts bij elkaar. Dit laatste is geen detail: in dorpen sterven zonder bescherming vaak acht van de tien kuikens in de eerste maanden. Broed niet meer kuikens uit dan je kunt voeren.

Een broedmachine vraagt dag en nacht ongeveer 38 graden, zonder ventilator iets meer, en 4 tot 6 keer keren per dag (Mississippi State). Zonder zekere stroom gebruik je een hen. Wissel elke twee jaar een haan met een andere groep tegen inteelt wordt getoetst.

Konijnen fokken

Middelgrote rassen zijn volgens Merck geslachtsrijp op 4 tot 4,5 maand; de FAO laat voedsters dekken op ongeveer 4 en rammen op ongeveer 5 maanden. Eén ram op tien voedsters is genoeg, maar houd er twee zodra het kan: een dode ram stopt de hele fok.

  1. Breng de voedster naar de ram wordt getoetst, in de ochtend of avond. Een rode schaamlip geeft volgens de FAO 80 tot 90 procent kans op dracht, een witte 10 tot 20 procent.
  2. Noteer de datum. Ongeveer 70 procent van de dekkingen geeft een worp.
  3. Zet op dag 28 of 29 de nestkist erin, met droog stro. Eerder bevuilt ze de kist. De draagtijd is 31 tot 33 dagen; een dag of twee ervoor trekt de voedster vacht uit voor het nest.
  4. Laat haar met rust. Jongen drinken maar één of twee keer per dag, minder dan drie minuten, dus een voedster die niet bij het nest zit, is normaal. De eerste week kunnen jongen hun warmte niet regelen, dus het nest moet droog en uit de wind staan.
  5. Spenen kan vanaf 4 tot 5 weken. Zonder krachtvoer laat je ze tot 8 weken bij de moeder, zoals extensieve houders doen.
  6. Dek opnieuw 5 tot 6 weken na het werpen. Een voedster die altijd drachtig is, wordt mager en minder vruchtbaar. Scheid de jongen op geslacht vóór 3 maanden wordt getoetst.

Wat een dier oplevert

Dit zijn ramingen, geen beloften.

№Kip met weinig gekocht voerVoedster per jaar
1Opbrengst50 tot 150 eieren; zonder verzorging 30 tot 50; legrassen op mengvoer 250 tot 3004 worpen van 6 gespeende jongen, ongeveer 24 dieren wordt getoetst
2VleesOude hen of haan: 1 tot 1,5 kg karkas wordt getoetstOngeveer 1,2 kg per dier, rond 25 tot 30 kg per jaar wordt getoetst
3Tijd tot slachtHaan 16 tot 20 weken wordt getoetstOp krachtvoer 70 tot 90 dagen voor 2,3 tot 2,5 kg; op gras en hooi 4 tot 6 maanden
4VoerTot 40 kg graan per jaar, minder als ze scharreltVooral gras en hooi, geen graan nodig

Eerlijke rekensom: 100 eieren bevatten ongeveer 7.000 kcal, 40 kg graan ongeveer 140.000 kcal wordt getoetst. Een kip die alleen graan eet, geeft dus een twintigste van de energie terug. Een ei is eiwit en vet, geen energiebron; geef kippen dus vooral wat jij niet eet. Kippenmest is sterk en moet composteren (13.02 Bodemleven en compost).

Slachten staat in 03.09 Slachten, uitbenen en delen, vel en resten in 03.10 Het hele dier benutten.

Ziekte en vogelgriep

De tabel en de quarantaineregels staan in 13.10, eerste hulp in VK.I04 Eerste hulp voor dieren. Hier alleen wat erbij komt.

  • Vogelgriep. De NVWA noemt eerst lusteloosheid en stoppen met geluid maken, daarna minder eten en drinken, minder eieren, windeieren en bleke schalen, diarree, zwelling en blauwe verkleuring van kam, lellen en poten, draaien met de kop, slepende vleugels, ademnood en plotselinge dood. Dieren worden binnen uren tot drie dagen ziek. Behandelen kun je het niet wordt getoetst. Voorkom contact met wilde vogels: voer en water onder een dak, net over de ren, geen open vijver wordt getoetst. In Nederland kan de overheid een ophok- of afschermplicht instellen; bij besmetting worden alle kippen op die plek gedood wordt getoetst.
  • Binnen houden kan verenpikken geven als kippen dagen vastzitten. Geef groen, zand en iets te doen.
  • Mijten en wormen. As, kalk, droog houden, ren wisselen.
  • Newcastle en pokken. Vaccineer zolang het kan. Daarna is een gesloten koppel je enige bescherming.
  • Konijnen. Weer muggen met gaas tegen myxomatose en kijk 's zomers naar de achterkant: vliegen leggen eitjes in vuile vacht wordt getoetst.

Roofdieren

№DierKomtWat helpt
1Vos's Nachts, met jongen ook overdag; graaft en klimt wordt getoetstDicht hok, gaasschort, dak op de ren
2Marter, bunzing, wezel's Nachts; past door kleine gatenMazen van 13 mm, geen kier, 's avonds grendel dicht
3Havik en andere roofvogelsOverdagNet of dak, struiken om onder te schuilen wordt getoetst
4Hond of mensAltijdHek, slot, buren (15.11 Wacht lopen en waarschuwen)

Loop het hek wekelijks na, vooral na regen.

Ratten

Dierenvoer trekt ratten aan. Ze eten voer en eieren, bijten kuikens en brengen leptospirose (06.11 Luizen, vlooien, muggen en ratten).

  • Voer in een metalen ton; door plastic knagen ze heen.
  • Geef alleen wat op gaat en haal 's avonds de bak weg wordt getoetst.
  • Geef het hok een betonnen of gegaasde vloer, of zet het op poten van 30 cm wordt getoetst.
  • Vang met klemmen (VK.D05 Voorraad beschermen tegen muizen, ratten en motten), nooit met gif: een kip eet een stervende rat, en jij eet de kip wordt getoetst.

Zo weet je dat het werkt

  • 's Avonds is de telling elke dag gelijk.
  • Eieren zijn schoon, de schaal is stevig, de leg volgt het seizoen.
  • Voedsters werpen drie tot vijf keer per jaar en brengen minstens vijf jongen per worp groot.
  • Er zijn geen rattenkeutels bij het voer, en het hok ruikt droog.

Zo weet je dat het misgaat

  • Veren en bloed bij het hek, een dier weg: zoek het gat vandaag nog en sluit het.
  • Dunne schalen of eierpikken: meer kalk en eiwit, schalen fijner stampen, vaker rapen.
  • De leg stort in buiten de rui: bekijk voer, water en mijten. Eten ze ook minder, denk dan aan vogelgriep.
  • Meerdere kippen ziek of dood binnen een paar dagen: hok dicht, handschoenen en zo mogelijk een mondkapje, niet eten, geen eieren gebruiken, diep begraven, kinderen weg wordt getoetst.
  • Een konijn ligt uitgestrekt en ademt snel op een hete dag: koele schaduw, koud water over het lijf (MSD noemt onderdompelen in koud water) en water om te drinken; hitteslag doodt snel.
  • Geen worp op dag 34: de worp is meestal dood wordt getoetst. Zet de voedster apart en lees VK.I04.
  • Ratten bij het voer: voer weg, klemmen, gaten dicht, zie VK.D05.

Gevaar · Vogelgriep, salmonella en zieke dieren Raak dode kippen of wilde vogels niet met blote handen aan. Gebruik handschoenen of een plastic zak, doe ze in een dichte zak of begraaf ze, en was je handen met zeep. Het RIVM noemt besmetting zeldzaam en alleen mogelijk bij nauw en veel contact; toch houd je kinderen en zieken weg.

  • Eet nooit een dier dat ziek was of dood gevonden is, en geef het ook niet aan honden, katten of varkens wordt getoetst.
  • Geen kippen in huis en geen kuikens bij kinderen onder de vijf (13.10).
  • Kook eieren door. Gebarsten eieren gooi je weg.
  • Koorts of griepklachten na contact met zieke vogels: houd die persoon apart en lees 07.08 Koorts en besmettelijke ziekten.

Als je iets mist

№Mis jeGebruik dan
1VolièregaasPlanken, roosters, vlechtwerk; een hok dat 's nachts helemaal dichtgaat, en overdag scharrelen onder toezicht
2GraanScharrelen, maden, keukenresten, gekookte aardappel; de leg neemt af
3Kalk voor kippenEierschalen, slakkenhuizen, gestampte schelpen (03.07 Schelpdieren en de kust)
4Haan of ramRuilen met een buurgroep (15.06 Ruil en samenwerking)
5SchaduwZeil met vrije luchtstroom (VK.L05 Een dekzeil opzetten in vijf vormen), rietmat

Achtergrond

Konijnen verteren vezels in hun blindedarm en eten zachte keutels opnieuw op; daardoor leven ze op gras wordt getoetst. Een konijn zweet niet en koelt vooral via de oren, dus hitte is gevaarlijker dan kou wordt getoetst. Een hen die broeds wordt, stopt met leggen. Daarom is dat gedrag uit moderne rassen weggefokt, en met die rassen verlies je je eigen nakomelingen. Bewijs: 21 dagen broedtijd en 31 tot 33 dagen draagtijd A (handboeken). Hittegevaar bij konijnen B (MSD). Signalen van vogelgriep A (NVWA). Hok, broeden en kuikenzorg B (handleiding uit de dorpspraktijk). Worpen, spenen en sterfte B (FAO, bedrijfscijfers; thuis lager). Bescherming tegen roofdieren C (praktijk). Voer zonder mengvoer C. Opbrengst per dier C, sterk afhankelijk van ras en voer.

Volgende niveau

Oefen nu een seizoen: laat een hen broeden en slacht een konijn. Houd een stamboek bij, fok meelwormen (03.08) en verbouw voergewassen die je zelf niet eet (13.05 Teeltplanning). Laat kippen na de oogst de tuin schoon krabben en slakken eten (13.15 Gewasziekten en plagen zonder gif).

Controlelijst

  • Ik heb gaas met kleine mazen, een schort en een dichte bovenkant.
  • Ik sluit dieren elke avond op en tel ze.
  • Ik weet wat mijn dieren eten in de slechtste maand, zonder gekocht voer.
  • Ik bewaar voer in een metalen ton en laat 's nachts niets liggen.
  • Ik kan een hen laten broeden en eieren schouwen op dag 7 tot 10.
  • Ik noteer dekdatums en zet de nestkist op dag 28.
  • Ik houd konijnen uit de hitte, met schaduw en water.
  • Ik weet wat ik doe als meerdere kippen plotseling doodgaan.

Verantwoording

Open in de app en bewaar offline