Het Nulpunt, startpagina
  1. Home
  2. Kennis
  3. De eerste 72 uur
  4. Onderkoeling en oververhitting

Hoofdstuk · De eerste 72 uur

Onderkoeling en oververhitting

Kou en hitte herkennen en behandelen voordat ze doden

Concepttekst. Nog niet getoetst door een vakdeskundige. Volg altijd actuele instructies van de overheid en hulpdiensten. Bij acuut gevaar: bel 112.

Gevaar · Wat je nooit doet Bij kou: geen alcohol, niet wrijven of masseren, geen heet bad voor wie suf is, en niemand laten lopen of klimmen na koud water. Gebruik kleine handwarmers niet om de romp op te warmen en leg ze nooit direct op de huid. Bij hitte: wacht niet met koelen tot er hulp is, geef niets te drinken aan wie verward is, en laat niemand alleen in het koelwater.

  • Een bevroren deel nooit bij een vuur of kachel opwarmen.
  • Geen koortsmiddelen bij een hitteberoerte.
  • Nooit een kind of dier in een geparkeerde auto.
Op een natte dijk pakken twee mensen een liggende man in met een slaapzak en een zeil; hij draagt een wollen muts en een van hen legt een fles in een doek op zijn borst.
Gegenereerd beeld, geen praktijkfoto.

Waarom dit telt

Kou en hitte doden stil. Nat en winderig weer is het grootste gevaar, ook als het niet vriest. Ook hittegolven kosten levens, vooral onder ouderen en zieken. Zonder ziekenhuis redt vroeg herkennen en eenvoudig handelen levens: inpakken en de romp verwarmen bij kou, snel koelen bij hitte.

Als er nog hulp is Bel 112 bij iemand die suf wordt van de kou of verward raakt in de hitte. Begin intussen al met opwarmen of koelen: wacht er niet mee.

Eerst doen

  1. Kijk naar het gedrag. Suf, verward, struikelen of vreemd doen is bij kou én bij hitte het teken dat het levensgevaarlijk wordt.
  2. Kou: haal iemand uit wind en nat, leg hem op isolatie en pak hem in, ook hoofd en nek.
  3. Kou: ga voorzichtig met hem om en houd hem liggend als hij suf is. Laat hem niet lopen.
  4. Kou: leg warmte op oksels, borst en rug, met een doek ertussen. Nooit op armen en benen.
  5. Hitte en verward: koel meteen, het liefst tot de nek in koud water, tot hij weer helder is. Eerst koelen, dan pas verplaatsen.
  6. Hitte zonder verwarring: schaduw, rust, liggen, natte doeken en kleine slokjes water.

Wat je nodig hebt

  • Isolatie voor de grond, slaapzakken of dekens, een wollen muts en droge kleding.
  • Een dampscherm tegen wind en vocht: reddingsdeken, plastic zeil, noppenfolie of vuilniszakken.
  • Kruiken, flessen met warm water of grote warmtepads, steeds in een doek.
  • Voor hitte: een bad, zwembadje, regenton of groot zeil, emmers koud water, lakens, iets om mee te wapperen.
  • Drinkwater, zout en suiker (07.06 Uitdroging en de drinkoplossing).
  • Een thermometer als je die hebt. Niet nodig: je beoordeelt vooral het gedrag.

Werkwijze

Wanneer is het levensbedreigend?

№ToestandWat je zietHoe ernstig
1Koud, nog niet onderkoeld (boven 35 °C)Rilt, koude handen, helder, loopt normaalNog niet gevaarlijk. Voorkom verder afkoelen
2Lichte onderkoeling (35 tot 32 °C)Rilt hevig, onhandig, struikelt, maar is helderErnstig. Wordt het niet beter binnen 30 minuten, dan is het een spoedgeval
3Matige onderkoeling (32 tot 28 °C)Rillen wordt minder of stopt, suf, verward, reageert nogLevensbedreigend
4Ernstige onderkoeling (onder 28 °C)Reageert niet, rilt niet, ademt traag en oppervlakkigLevensbedreigend. Het hart kan stoppen
5Hitte-uitputtingDorst, zwak, hoofdpijn, duizelig, misselijk, veel zweten, bleke klamme huid, snelle zwakke pols, krampen. Helder in het hoofdErnstig. Niet beter binnen een uur, of verward: behandel als hitteberoerte
6HitteberoerteVerward, onrustig, vreemd gedrag, stuipen of bewusteloos. Huid heet, droog of juist nat. Boven 40 °CLevensbedreigend. Elke minuut telt

Je weet de temperatuur binnenin het lichaam bijna nooit. Een thermometer in mond, oor of oksel meet niet nauwkeurig. Vertrouw op gedrag. Meet je toch boven 39 °C en is iemand verward in de hitte, behandel hem dan als hitteberoerte.

Onderkoeling herkennen

Onderkoeling betekent dat de temperatuur binnenin het lichaam onder 35 °C zakt. Het kan al gebeuren bij een buitentemperatuur boven 4 °C, als iemand nat is van regen, zweet of water. Extra risico lopen ouderen, baby's, gewonden die op de grond liggen, wie uitgeput is of honger heeft, en wie alcohol heeft gedronken wordt getoetst. Signalen:

  • Rillen, moe zijn, onhandige handen.
  • Verwardheid, slecht geheugen, dubbele tong, slaperigheid.
  • Koude, bleke huid. Soms blauwe lippen, oren, vingers en tenen.
  • Ademhaling die van snel naar langzaam en oppervlakkig gaat.
  • Bij een baby: een felrode, koude huid en weinig energie. Stopt iemand met rillen terwijl hij nog koud is, dan is dat geen herstel. Dat is een slecht teken. Ook binnen kun je onderkoeld raken. Een oudere in een koud huis zonder verwarming kan in de loop van dagen langzaam onderkoeld raken wordt getoetst. Houd één ruimte warm (05.09 Een winterplan).

Onderkoeling behandelen

  1. Ga voorzichtig met hem om. Is hij suf, til hem dan liggend en laat hem niet lopen of klimmen. Beweeg armen en benen zo min mogelijk.
  2. Breng hem uit de wind en het nat, naar een beschutte plek.
  3. Leg dikke isolatie onder hem. De koude grond trekt veel warmte weg.
  4. Knip natte kleding pas weg als hij beschut ligt. Lukt dat niet, laat de natte kleding dan aan en leg er plastic omheen.
  5. Pak hem in als een pakketje. Binnenste laag: plastic of een reddingsdeken als hij nat is. Daarover een slaapzak die helemaal dicht is, of meerdere dekens. Buitenste laag: plastic of een zeil tegen wind en regen. Bedek hoofd en nek, laat het gezicht vrij.
  6. Leg warmte op de oksels, de borst en de rug: kruiken, flessen met warm water of grote warmtepads, steeds met een dunne doek ertussen. Geen warmte op armen en benen.
  7. Kijk elke 20 tot 30 minuten naar de huid onder de warmtebron. Wordt die erg rood, haal de warmte daar weg. Koude huid verbrandt snel.
  8. Is hij helder, rilt hij goed en slikt hij goed? Geef warme, zoete drank en eten met veel koolhydraten, niet te heet. Is hij suf, geef dan niets.
  9. Laat iemand met lichte onderkoeling minstens 30 minuten zitten of liggen in de warmte, en laat hem daarna rustig gaan bewegen.
  10. Weinig warmtebronnen? Een warm persoon samen in de slaapzak maakt lichte onderkoeling draaglijker, maar warmt niet sneller op dan goed rillen.
  11. Blijf bij hem en let steeds op ademhaling en bewustzijn. Geef geen alcohol. Wrijf en masseer niet. Zet iemand die suf is niet onder een hete douche of in een heet bad. Reageert hij niet? Voel één volle minuut naar ademhaling en pols in de hals: ze kunnen heel traag en zwak zijn. Voel je niets, begin dan met reanimatie (VK.B06 Reanimatie). Wijde pupillen en een stijf lichaam zijn bij onderkoeling geen bewijs van de dood. Een koud lichaam verbruikt minder zuurstof, daarom ga je langer door (07.16 Acute noodgevallen). Wees eerlijk: zonder ziekenhuis overleeft een volwassene met een hartstilstand door onderkoeling zelden wordt getoetst.

Na koud water

Iemand die uit koud water komt, kan plotseling in elkaar zakken: vlak voor, tijdens of na de redding. Laat hem niet zelf klimmen of lopen. Til hem liggend en houd hem liggend. Hoe je de eerste minuten in koud water overleeft, staat in VK.E02 Overleven in koud water en 14.16 Veilig op en in het water.

Bevriezing, in het kort

Bij lichte bevriezing (vaak wangen, oren, neus) is de huid wit en gevoelloos. Dat herstelt snel als je de plek opwarmt, bijvoorbeeld een hand in je oksel wordt getoetst. Bij echte bevriezing is het weefsel bevroren: eerst roodheid of pijn, dan witte of grijsgele huid die hard of wasachtig en gevoelloos is.

  1. Behandel eerst de onderkoeling.
  2. Ontdooi alleen als het daarna niet opnieuw kan bevriezen. Opnieuw bevriezen beschadigt meer dan bevroren laten.
  3. Ontdooi in water van 37 tot 39 °C. Geen thermometer? Houd een gezonde hand er 30 seconden in: warm, niet heet.
  4. Laat het deel erin tot de huid rood of paars en zacht is, meestal binnen 30 minuten. Dat doet veel pijn (07.11 Pijn en pijnstilling).
  5. Dep droog. Leg los dik gaas om het deel en tussen tenen of vingers. Leg het hoger dan het hart. Doe ringen af.
  6. Laat blaren met bloed erin heel. Niet doen: wrijven, met sneeuw inwrijven, opwarmen bij een vuur, kachel of kruik, lopen op bevroren voeten als het niet hoeft. Loopgraafvoet is geen bevriezing. Het ontstaat als voeten lang nat zijn in water onder 15 °C. Droog de voeten, warm ze langzaam op, niet heet, en leg ze hoog (VK.G08 Natte voeten (loopgraafvoet) voorkomen).

Hitte-uitputting behandelen

  1. Stop met werken en ga naar de schaduw of een koele ruimte.
  2. Laat hem liggen. Maak de kleding los en trek overbodige kleding uit.
  3. Koel met natte doeken, een koele douche of een voetbad, en wapper lucht.
  4. Laat kleine slokjes drinken: water, of een drinkoplossing met wat zout (07.06 Uitdroging en de drinkoplossing). Zout eten bij water werkt ook.
  5. Wordt het niet binnen een uur beter, gaat hij braken, of raakt hij verward: behandel hem als hitteberoerte.
  6. Laat hem de rest van de dag rusten in de koelte wordt getoetst.

Hitteberoerte behandelen: eerst koelen

Bij een hitteberoerte stijgt de lichaamstemperatuur boven 40 °C en raken de hersenen ontregeld. Hoe langer het duurt, hoe groter de schade aan organen. Koel daarom meteen, waar je bent. Eerst koelen, dan pas verplaatsen.

  1. Haal hem uit de zon en de hitte. Trek overbodige kleding uit.
  2. Leg hem tot de nek in koud water: een bad, een zwembadje, een regenton, een rustige beek. Water van 1 tot 26 °C werkt.
  3. Houd hem altijd vast, met het hoofd boven water. Werk met twee mensen.
  4. Koel tot de temperatuur binnenin onder 39 °C is. Kun je dat niet meten, koel dan 15 minuten, of tot hij weer helder is. Wat het eerst komt.
  5. Geen bad? Leg hem op een groot zeil, til de randen op als een bak, giet er koud water in, met ijs als je dat hebt, en wieg het zeil zacht heen en weer.
  6. Of: leg een nat laken over hem en wapper krachtig, en maak het steeds opnieuw nat. Dit werkt het best bij droge lucht.
  7. IJs of koude packs in nek, oksels en liezen helpen ook, maar minder dan water.
  8. Geef niets te drinken zolang hij niet helder is. Koortsmiddelen zoals paracetamol helpen niet.
  9. Braakt hij of is hij bewusteloos: stabiele zijligging (VK.B07 Stabiele zijligging). Bij stuipen: bescherm hem en stop niets in zijn mond (VK.B13 Een epileptische aanval begeleiden).
  10. Blijf daarna uren bij hem. Stijgt de temperatuur opnieuw, koel dan opnieuw. Wees eerlijk: ook na goed koelen kunnen hersenen, nieren, lever en hart beschadigd zijn, met problemen in de eerste 24 tot 48 uur. Zonder ziekenhuis overleeft niet iedereen dat. Snel koelen is de beste kans die er is.

Hitte voorkomen

  • Wen aan de hitte. Werk de eerste week korter en rustiger. Met 1 tot 2 uur matig werk per dag in de hitte ben je na 7 tot 10 dagen grotendeels gewend.
  • Werk vroeg in de ochtend en na zonsondergang. Rust in het heetste deel van de dag in de schaduw.
  • Drink regelmatig: ongeveer 2 tot 3 liter per dag, bij zwaar werk in de hitte veel meer. Let op de kleur van de plas. Drink geen enorme hoeveelheden gewoon water zonder te eten: eet ook zout.
  • Draag losse, lichte kleding en een hoed met een brede rand. Zonverbranding remt het zweten tot een week lang.
  • Houd ramen en zonwering overdag dicht en zet de ramen 's nachts open. Een ventilator helpt alleen zolang het minder dan 40 °C is.
  • Laat nooit een kind of dier achter in een auto. Leg over een kinderwagen een dun nat doekje, geen droge doek.
  • Kijk dagelijks bij wie kwetsbaar is, bij grote hitte vaker: ouderen, baby's, chronisch zieken, mensen met dementie, wie alleen woont of alcohol drinkt, en wie plaspillen of sommige psychiatrische medicijnen gebruikt. Het RIVM zet het Nationaal Hitteplan aan als er een grote kans is op 4 dagen of meer boven 27 °C wordt getoetst. Neem dat als grens voor je eigen groep (14.15 Het weer lezen). Hitte is het gevaarlijkst op zolders en bovenverdiepingen wordt getoetst.

Kou voorkomen

Droog blijven is het belangrijkste. Draag lagen (05.12 Kleding in lagen) en trek natte kleding meteen uit. Doe bij zwaar werk een laag uit, zodat je niet door je kleding heen zweet wordt getoetst. Eet genoeg en slaap warm en los van de grond (05.13 Slapen zonder kou). Werk in koppels: wie onderkoeld raakt, merkt het zelf vaak niet wordt getoetst.

Zo weet je dat het werkt

  • De onderkoelde rilt krachtig, wordt helderder, praat beter en krijgt handiger handen wordt getoetst.
  • De huid onder de warmtebron blijft zonder rode plekken of blaren.
  • Een ontdooid deel is rood of paars en zacht.
  • Iemand met een hitteberoerte wordt tijdens het koelen weer helder en praat normaal.
  • Hitte-uitputting is binnen een uur beter.
  • Iedereen plast weer lichtgele urine wordt getoetst.

Zo weet je dat het misgaat

  • Het rillen stopt, maar hij wordt niet warmer en wel suffer: behandel als matige onderkoeling. Liggend houden, romp warmen, niets te drinken.
  • Hij zakt in elkaar als je hem rechtop zet of uit het water haalt: leg hem plat en ga voorzichtiger te werk.
  • Rode plekken of blaren onder een kruik: haal de warmte weg en leg een dikkere doek ertussen.
  • Ontdooide tenen of vingers kunnen opnieuw bevriezen: houd ze warm en ingepakt, of ontdooi nog niet.
  • Hij blijft verward na 15 minuten koelen: koel door en denk ook aan lage bloedsuiker of hoofdletsel (VK.B14 Lage bloedsuiker herkennen en verhelpen, 07.16 Acute noodgevallen).
  • Hij is weer helder maar gaat hevig rillen tijdens het koelen: stop met koelen, droog hem af en dek hem licht toe wordt getoetst.
  • Hij is verward in de hitte, voelt niet heet aan en heeft veel gewoon water gedronken: denk aan te weinig zout in het bloed. Geen water meer, wel zoute hapjes of sterke bouillon in kleine slokjes.

Gevaar · Wat je nooit doet Bij kou: geen alcohol, niet wrijven of masseren, geen heet bad voor wie suf is, en niemand laten lopen of klimmen na koud water. Gebruik kleine handwarmers niet om de romp op te warmen en leg ze nooit direct op de huid. Bij hitte: wacht niet met koelen tot er hulp is, geef niets te drinken aan wie verward is, en laat niemand alleen in het koelwater.

  • Een bevroren deel nooit bij een vuur of kachel opwarmen.
  • Geen koortsmiddelen bij een hitteberoerte.
  • Nooit een kind of dier in een geparkeerde auto.

Als je iets mist

№Mis jeGebruik dan
1SlaapmatKarton, dekens, kussens, een deur, droge bladeren in een vuilniszak
2SlaapzakDekens, jassen en gordijnen, en een warm persoon ernaast
3ReddingsdekenVuilniszakken met een gat voor het gezicht, plastic zeil, noppenfolie
4WarmtepadFlessen of kruiken met warm water in een doek; warme stenen alleen goed ingepakt wordt getoetst
5ThermometerHet gedrag: helder, verward, suf of reageert niet
6Bad om te koelenEen zeil met water als bak, een zwembadje, een regenton, natte lakens met wapperen
7IJsHet koudste water dat je hebt, steeds verversen, en wind
8DrinkoplossingWater met zoute hapjes (07.06 Uitdroging en de drinkoplossing)

Achtergrond

Je lichaam houdt de binnenkant op ongeveer 37 °C. Bij kou trekken de bloedvaten in de huid samen en ga je rillen. Hevig rillen maakt vijf tot zes keer zoveel warmte als in rust en kan je met 3 tot 4 °C per uur opwarmen, maar het kost veel energie. Is die op, of koelen de hersenen af, dan stopt het rillen. Onder ongeveer 28 °C raakt het hart snel van slag: ruw tillen of armen en benen bewegen kan dan een hartstilstand geven. Wie armen en benen opwarmt of laat bewegen, stuurt koud bloed naar het hart, en de temperatuur binnenin zakt verder. Daarom warm je de romp en houd je iemand liggend. Bij een redding uit water valt de waterdruk op de benen weg, zakt het bloed naar de benen en daalt de bloeddruk. Bij hitte koel je af doordat zweet verdampt. Bij vochtige lucht verdampt zweet slecht wordt getoetst. Bij een hitteberoerte ontstaat een ontsteking door het hele lichaam, en hoe hoger en langer de temperatuur, hoe meer schade wordt getoetst. Water voert warmte veel beter af dan lucht, daarom koelt een bad het snelst wordt getoetst. Een ventilator blaast boven 40 °C juist warmte naar je toe. Bewijs: isoleren, dampscherm en warmte op oksels, borst en rug B (richtlijn Wilderness Medical Society). Voorzichtig en liggend hanteren B (idem). Wijde pupillen en stijfheid niet als doodsteken bij onderkoeling A (idem). Warme zoete drank voor wie helder is en rilt C (idem). Kleine handwarmers om de romp op te warmen D. Koud water tot de nek bij hitteberoerte A (systematische review van ILCOR, richtlijn ERC 2025). Natte doeken en wapperen B, maar trager. Koortsmiddelen bij hitteberoerte D. Ontdooien in water van 37 tot 39 °C C (richtlijnconsensus; de bewijsgraad is niet zelf nagekeken).

Volgende niveau

Op niveau II oefen je met de groep een onderkoelde inpakken. Maak voor de zomer een koelset: een groot zeil, emmers, lakens en een vaste plek met water in de schaduw. Leg een thermometer aan die ook lage temperaturen meet, en leer de vitale functies meten (07.01 Iemand onderzoeken: de vitale functies). Maak een winterplan met één warme ruimte (05.09 Een winterplan) en spreek voor hittegolven af wie bij welke kwetsbare langsgaat.

Controlelijst

  • Ik weet dat suf, verward of vreemd gedrag bij kou of hitte levensgevaarlijk is.
  • Ik leg een onderkoelde op isolatie, pak hem in met een dampscherm en houd hem liggend.
  • Ik leg warmte op oksels, borst en rug, met een doek ertussen, en niet op armen en benen.
  • Ik geef alleen warme zoete drank aan wie helder is en goed slikt, en nooit alcohol.
  • Ik ontdooi een bevroren deel alleen in water van 37 tot 39 °C, en alleen als het niet opnieuw kan bevriezen.
  • Ik koel iemand met een hitteberoerte meteen tot de nek in koud water, tot hij weer helder is.
  • Ik behandel hitte-uitputting met schaduw, rust, natte doeken en slokjes water.
  • Ik weet wie in mijn groep kwetsbaar is en kijk bij kou en hitte dagelijks bij hen.

Verantwoording

Open in de app en bewaar offline