Het Nulpunt, startpagina
  1. Home
  2. Kennis
  3. Samenleven, veiligheid & organisatie
  4. Afspraken maken

Hoofdstuk · Samenleven, veiligheid & organisatie

Afspraken maken

Eén vel papier dat vastlegt hoe jullie samenleven, voordat er ruzie is

Concepttekst. Nog niet getoetst door een vakdeskundige. Volg altijd actuele instructies van de overheid en hulpdiensten. Bij acuut gevaar: bel 112.

Gevaar · Macht en dwang Een afspraak mag nooit dienen om mensen klein te houden.

  • Nooit water, eten, medicijnen of zorg als drukmiddel. Niet om iemand te laten tekenen, niet als straf.
  • Nooit hulp of eten in ruil voor seks. Dat is uitbuiting, ook als de ander "ja" zegt wordt getoetst.
  • Geen regel mag iemand opsluiten, slaan of zijn spullen afnemen. Opsluiten blijft strafbaar, ook als iedereen heeft getekend (15.04 Conflicten bespreken).
  • Niemand krijgt macht over kinderen zonder dat een tweede volwassene meekijkt.
  • Een afspraak die jou in gevaar brengt, hoef je niet te volgen. Stap eruit en zoek iemand die je kunt vertrouwen.
Buren van verschillende leeftijden zitten aan een lange tafel tussen twee bakstenen flats en luisteren naar een vrouw die van één vel papier voorleest.
Gegenereerd beeld, geen praktijkfoto.

Waarom dit telt

Zolang alles werkt, regelen wet, werkgever en gemeente veel voor je. Valt dat weg, dan gaat het binnen dagen over wie water haalt, wie uit de voorraad mag eten en wie er binnen mag. Een afspraak op papier haalt die vragen uit de ruzie: je beslist ze terwijl iedereen nog rustig is, en niemand hoeft te onthouden wie wat zei.

Als er nog hulp is Gemeente, Rode Kruis en de VvE blijven je aanspreekpunt, en hun besluiten gaan voor. Een groepsafspraak vervangt de wet niet.

Eerst doen

  1. Roep alle volwassenen bij elkaar, op één plek en één tijd. Iemand die er niet is, hoort het dezelfde dag.
  2. Noem samen de drie dingen die nu het meeste gedoe geven. Meestal zijn dat water, eten en wie wat doet.
  3. Schrijf per onderwerp één regel op, met namen, plaats en tijd. Eén vel is genoeg.
  4. Zet er een datum op en de dag waarop jullie het opnieuw bekijken.
  5. Lees het hardop voor. Laat iedere volwassene zelf tekenen.
  6. Hang het op waar iedereen het ziet, en leg een kopie op een tweede plek.

Wat je nodig hebt

  • Papier, twee pennen en iets om het op te hangen.
  • Een plek waar iedereen kan zitten en elkaar kan horen.
  • Iemand die schrijft en iemand die het gesprek leidt. Dat zijn liever twee mensen.
  • Een tolk als niet iedereen dezelfde taal spreekt. In veel buurten wonen mensen met verschillende moedertalen door elkaar.
  • Een map of schrift voor oude versies (14.08 Berichten vastleggen).

Werkwijze

Wanneer je begint

Hoe vroeger, hoe beter. Het beste moment is vóór de uitval, bij je noodplan (01.04 Een noodplan maken). De Rijksoverheid omschrijft zo'n plan als duidelijke afspraken met de mensen om je heen, en zegt erbij: bespreek het met anderen. Dat gesprek is het halve werk.

Is de uitval al begonnen, wacht dan niet tot alles duidelijk is. Maak op dag één of twee een kort blad met wat nu nodig is wordt getoetst. Maak het later uitgebreider. Een slordige afspraak die iedereen kent is beter dan een mooie die niemand heeft gelezen.

Bepaal eerst wie erbij hoort. Een gezin, een trappenhuis, een straat of een hofje? Hoe groter de groep, hoe meer je moet opschrijven. Mensen die elkaar goed kennen, hebben aan minder genoeg.

Wat erin hoort

Dit is het formulier. Neem over wat je nodig hebt en laat de rest weg.

№KopWat je opschrijftVoorbeeld
1Wie zijn wijNamen, huishoudens, adressenHuizen 2, 4, 6 en 8 van het hofje, 14 mensen
2WaarvoorDoel en duurSamen de uitval doorkomen, tot gas en water weer werken
3Wat iedereen altijd krijgtWat nooit wordt ingetrokkenDrinkwater, eerste hulp, eten voor kinderen en zieken
4Wat we delenWat gezamenlijk isRegenton, moestuin, gereedschap uit de schuur
5Wat van jezelf blijftWat niemand zomaar paktJe huis, je medicijnen, je eigen voorraad
6Wie doet watWaar het rooster hangtRooster op de schuurdeur, elke zondag nieuw (15.02 Taken verdelen)
7Wie beslistBij gevaar en bij rustige zakenBij brand de dienstleider, verder de groep (15.03 Besluiten nemen)
8VeiligheidDe regels die levens reddenGeen open vuur binnen, kook drinkwater, nooit alleen op het dak
9Bij ruzieEerste stap en wie helptEerst samen praten, daarna Anneke of Bram erbij (15.04 Conflicten bespreken)
10Als iemand de regels breektWat er dan gebeurtGesprek, herstel, daarna de groep (15.13 Regels, straf en herstel)
11Nieuwe mensenHoe je erbij komtTwee weken proeftijd met een maatje
12WeggaanWat je meeneemtJe eigen spullen en een deel van wat je inbracht
13HerzienVolgende datumOver vier weken, zondag 15:00

De regel "wat iedereen altijd krijgt" is de belangrijkste. Hij zegt: ook bij ruzie laat niemand hier een ander verdorsten. Zo kan een straf nooit over water of zorg gaan.

Een regel die werkt

Een goede regel kun je controleren. Staat er geen naam, plaats of tijd in, dan is het een wens.

№WensRegel
1We gaan zuinig met water omElk huis tapt op zijn eigen dag uit de ton. Lotte tekent af op de lijst.
2We letten op elkaarIedere ochtend om 08:00 klopt huis 2 bij mevrouw De Vries aan
3Iedereen doet zijn deelIedere volwassene die het kan, staat op het rooster van de week
4Voorzichtig met vuurKoken alleen op de stenen plaat buiten, emmer water ernaast

Schrijf weinig regels. Tien die iedereen kent zijn beter dan dertig die niemand kent wordt getoetst. Regels moeten passen bij de plek. In een flat in Rotterdam gaat het om de trap, het dak en wie water naar boven draagt. In een Drents dorp om de put, het hout en de schuur. Onderzoek naar groepen die lang gemeenschappelijk water, weiden en bossen beheerden, kwam tot dezelfde les: duidelijk wie erbij hoort, regels die passen bij de plek, en wie onder de regels valt, praat mee over de regels wordt getoetst.

Schrijf dit niet op het blad: wie welke ziekte heeft of welk medicijn gebruikt. Dat is privé en hoort niet aan de muur (06.10 Zorg in de gemeenschap, 01.09 Kwetsbare mensen helpen).

Wie tekent

  • Iedere volwassene tekent voor zichzelf. Een man tekent niet voor zijn vrouw, een zoon niet voor zijn gezonde moeder.
  • Lees het blad hardop voor. Niet iedereen leest goed, en lang niet iedereen leest goed Nederlands. Wie niet kan schrijven, zet een kruis met een getuige erbij.
  • Jongeren vanaf ongeveer 12 jaar lezen mee en zetten hun naam eronder. Jongere kinderen krijgen een korte versie in hun eigen woorden: drie of vier regels bij een tekening wordt getoetst (06.07 Zorg voor kinderen).
  • Iemand met dementie of een zware verstandelijke beperking tekent niet onder druk. Spreek met diens naaste af wat er voor die persoon wordt geregeld.
  • Tekenen is vrijwillig. Wie onder dreiging tekent, heeft niets afgesproken. Een dag bedenktijd mag altijd wordt getoetst.

Wil iemand niet tekenen? Vraag waarom, dat is vaak nuttig. Blijft het nee, dan doet die persoon niet mee aan wat gedeeld wordt. Maar "wat iedereen altijd krijgt" geldt ook voor hem. Hij blijft je buurman, en je komt hem morgen weer tegen.

Nieuwkomers

Iemand staat aan de deur: een neef uit de stad, een gezin op de vlucht, een onbekende. De afspraak zegt wat er dan gebeurt, zodat niet de luidste stem beslist.

  1. Twee mensen ontvangen de nieuwkomer, buiten of bij de deur. Niet de hele groep.
  2. Geef eerst water, en eten als dat kan. Vraag dan: wie ben je, waar kom je vandaan, wat kun je, wat heb je nodig?
  3. Kijk of iemand ziek is. Dan eerst apart slapen en wassen (06.05 Infecties voorkomen). Dat is een maatregel, geen straf.
  4. Lees de afspraak voor, in een taal die de persoon begrijpt.
  5. De groep beslist binnen een dag of twee of iemand mag blijven (15.03 Besluiten nemen) wordt getoetst.
  6. Geef iemand een maatje en een proeftijd, bijvoorbeeld twee weken wordt getoetst. Daarna tekent de nieuwkomer en is hij gewoon lid.
  7. Spullen die iemand meebrengt, blijven van hem. Vraag wat hij wil delen. Neem niets af.

Zeg je nee, doe dat dan eerlijk en met wat je missen kunt: water, informatie over de weg, de plek waar wel opvang is. Wie is weggestuurd, kan terugkomen, boos of met anderen. Vertel het aan de wacht (15.11 Wacht lopen en waarschuwen).

Weggaan

Spreek af wat iemand meeneemt die vertrekt. Eigen spullen altijd. Van wat iemand heeft ingebracht, een eerlijk deel. Gemeenschappelijke voorraad alleen als de groep dat zo afspreekt (15.07 Voorraad beheren). Zet vertrek op papier, met de datum. Zo voorkom je later ruzie over wat er is gebeurd.

Herzien

Een afspraak die niet wordt herzien, raakt vanzelf achterhaald. Mensen negeren hem, en dan negeren ze ook de regels die er wel toe doen.

  • Bekijk het blad na een week of twee opnieuw, daarna elke maand, later elk seizoen wordt getoetst. Zet de dag op de kalender (14.14 Tijd en kalender bijhouden).
  • Bekijk het ook meteen na een ongeluk, een sterfgeval, een grote ruzie, of als er meerdere mensen bij zijn gekomen.
  • Stel drie vragen. Welke regel werkt niet? Welke regel mist? Welke regel volgt niemand meer?
  • Verander alleen via de groep (15.03 Besluiten nemen). Niemand schrijft stiekem iets bij.
  • Schrijf een nieuwe versie met nummer en datum. Haal de oude van de muur en bewaar hem in de map (15.09 Collectief geheugen).
  • Lees de nieuwe versie opnieuw voor en laat iedereen tekenen.

Gebruik wat er al is

Je hoeft niet bij nul te beginnen.

  • Flat. Een flat heeft vaak een VvE met bestuur en notulen. Gebruik die structuur en dat notulenboek.
  • Dorp en buurt. In het oosten en noorden kent men het noaberschap: buren die elkaar vanouds helpen, ook bij ziekte en overlijden wordt getoetst. Zo'n gewoonte is sterker dan een nieuw papier. Schrijf hem op en vul hem aan.
  • Let op. Huurders zijn geen lid van de VvE wordt getoetst. Zij wonen er tijdens de uitval wel. Laat iedereen meepraten die er is, niet alleen de eigenaars.

Zo weet je dat het werkt

  • Iedere volwassene kan zonder papier drie regels noemen.
  • Bij een vraag zegt iemand: kijk op het blad. Daar eindigt het gesprek.
  • Elke regel heeft een naam, plaats of tijd.
  • De herzieningsdatum is gehaald en er staat een nieuw versienummer op.
  • Een nieuwkomer weet binnen een dag wat er van hem wordt verwacht.
  • Mensen die stil zijn in de groep, hebben ook een regel laten veranderen.

Zo weet je dat het misgaat

  • Niemand kent de regels meer. Lees het blad voor bij het eten en schrap wat niet gebruikt wordt.
  • Twee mensen hebben alles geschreven en de rest tekende zonder te lezen. Doe het opnieuw, in een ronde waarin iedereen iets zegt (15.03 Besluiten nemen).
  • De regels gelden wel voor de een en niet voor de ander. Zeg dat hardop in de groep. Geen uitzonderingen voor wie sterk is, spullen heeft of de leiding heeft.
  • Mensen houden zich aan de regel uit angst, niet omdat ze erachter staan. Dat is een teken van dwang. Bespreek het, zonder de klager te straffen (VK.K03 Moreel hoog houden in een groep).
  • Het blad groeit tot pagina's vol regels na elk incident. Snoei terug. Een incident vraagt meestal om een gesprek, niet om een regel.
  • Een groep binnen de groep maakt eigen afspraken. Praat erover voordat er kampen ontstaan (15.04 Conflicten bespreken).

Gevaar · Macht en dwang Een afspraak mag nooit dienen om mensen klein te houden.

  • Nooit water, eten, medicijnen of zorg als drukmiddel. Niet om iemand te laten tekenen, niet als straf.
  • Nooit hulp of eten in ruil voor seks. Dat is uitbuiting, ook als de ander "ja" zegt wordt getoetst.
  • Geen regel mag iemand opsluiten, slaan of zijn spullen afnemen. Opsluiten blijft strafbaar, ook als iedereen heeft getekend (15.04 Conflicten bespreken).
  • Niemand krijgt macht over kinderen zonder dat een tweede volwassene meekijkt.
  • Een afspraak die jou in gevaar brengt, hoef je niet te volgen. Stap eruit en zoek iemand die je kunt vertrouwen.

Als je iets mist

№Mis jeGebruik dan
1PapierEen krijtbord, een deur, karton. Maak ook dan een tweede exemplaar.
2SchrijverSpreek de regels hardop af en herhaal ze elke dag bij het eten. Twee getuigen onthouden ze.
3Gemeenschappelijke taalTekeningen en een tolk. Laat de tolk terugzeggen wat hij heeft begrepen.
4De hele groep op één momentTwee rondes, of ga langs de deuren. Een afwezige krijgt het voorgelezen.
5VertrouwenBegin klein: alleen water en wacht. Breid uit als het werkt.
6Iemand die het gesprek leidtOm de beurt, per onderwerp een ander

Achtergrond

Een groep kan zonder papier zolang iedereen elkaar goed kent. Daarna gaan mensen zich dingen anders herinneren, vooral bij stress en slaapgebrek wordt getoetst. Papier maakt van een herinnering een gedeelde afspraak.

Elinor Ostrom onderzocht groepen die gedeelde bronnen zelf beheerden. Zij vatte terugkerende kenmerken samen: heldere grenzen, regels die passen bij de plek, meepraten over die regels, toezicht door mensen die verantwoording afleggen aan de groep, straffen die oplopen, en snelle goedkope conflictoplossing wordt getoetst. Dat onderzoek ging over gedeelde bronnen zoals water en weiden, niet over noodsituaties. De overstap naar een buurt in nood is onze eigen redenering.

Bewijs: duidelijke grenzen, passende regels en meepraten B (onderzoek naar gemeenschappelijk beheer, niet in rampsituaties). Vooraf afspraken maken met naasten B (overheidsadvies). Eén vel, weinig regels, hardop voorlezen, tekenen en proeftijd C (praktijk en eigen advies, niet onderzocht). De termijnen voor herzien en proeftijd D (eigen schatting).

Volgende niveau

Verdeel het werk (15.02 Taken verdelen) en leg vast hoe jullie beslissen (15.03 Besluiten nemen). Spreek af hoe je met ruzie omgaat voordat die er is (15.04 Conflicten bespreken). Regels over overtreding en herstel staan in 15.13 Regels, straf en herstel. Eerlijke verdeling van schaarse zorg staat in 15.05 Zorg eerlijk verdelen. Op langere termijn leg je de afspraken vast in het archief van de groep (15.09 Collectief geheugen) en onderhoud je het samenleven zelf (15.10 Gemeenschap onderhouden). Oefen vooraf: maak met je buren één blad voor een stroomuitval van drie dagen.

Controlelijst

  • Ik weet wie er bij onze groep hoort.
  • Ik heb de afspraak gelezen of gehoord, en zelf getekend.
  • Ik kan zeggen wat iedereen altijd krijgt, ook bij ruzie.
  • Elke regel heeft een naam, plaats of tijd.
  • Ik weet wat we doen als er iemand nieuw aan de deur staat.
  • Ik weet wanneer we de afspraak herzien.
  • Er ligt een kopie op een tweede plek.
  • Medische gegevens staan niet op de muur.

Verantwoording

  • Denk Vooruit (Rijksoverheid): Noodplan: een noodplan is duidelijke afspraken met de mensen om je heen, bespreek het met anderen, geef een kopie aan noodcontacten, bewaar het op een vaste plek. Over herzien zegt de pagina niets.
  • Rode Kruis: Een noodsituatie voorbereiden doe je niet alleen: samenredzaamheid, contactgegevens uitwisselen, wie kan helpen. Geen concrete burenafspraken.
  • Wikipedia: Elinor Ostrom: de acht ontwerpprincipes. Dit is een secundaire bron; de Nobellezing zelf gaf een fout (HTTP 403) en is niet gelezen, daarom gemarkeerd.
  • Wikipedia: Noaberschap: burenhulp in Achterhoek, Twente, Drenthe en Groningen. Secundaire bron, daarom gemarkeerd. Niet met een primaire bron onderbouwd en daarom gemarkeerd: de termijnen voor herzien, proeftijd en bedenktijd, de leeftijd van 12 jaar, het aantal regels, geheugen onder stress, de positie van huurders in de VvE (alleen secundaire bronnen, de wettekst is niet ingezien), en uitbuiting bij ruil voor seks (de IASC-beginselen gaven een fout en zijn niet gelezen). Het formulier is een eigen ontwerp van de redactie en is nooit in een echte uitval getest. Getoetst door: nog niet.

Open in de app en bewaar offline