Het Nulpunt, startpagina
  1. Home
  2. Kennis
  3. Navigatie, communicatie & vervoer
  4. Noodcommunicatie

Hoofdstuk · Navigatie, communicatie & vervoer

Noodcommunicatie

Wie luistert wanneer, wat je zegt, en wie loopt als alles zwijgt

Concepttekst. Nog niet getoetst door een vakdeskundige. Volg altijd actuele instructies van de overheid en hulpdiensten. Bij acuut gevaar: bel 112.

Gevaar · Vuur als signaal Een signaalvuur kan een natuurbrand worden, zeker in een droge lente of zomer op heide, in duinen en in dennenbos. Houd je aan stookverboden zolang die gelden (01.12 Vuur maken en beheren). Gebruik vuur alleen op kale grond en met water klaar. Zwarte rook van banden en olie is giftig.

Gevaar · Koerier en openbare lucht

  • Een koerier alleen, in het donker of door een onbekend gebied, kan gewond raken of worden beroofd. Stuur twee mensen en houd je aan de tijd (15.11 Wacht lopen en waarschuwen).
  • Radio is openbaar. Noem geen voorraad, geen lege huizen en geen route van een koerier.
  • Richt een spiegelflits niet lang op de ogen van mensen of op een piloot.
Bij een gietijzeren dorpspomp stopt een vrouw een opgevouwen papier in een gelapte fietstas, terwijl een jonge man met zijn fiets over de weg uitkijkt.
Gegenereerd beeld, geen praktijkfoto.

Waarom dit telt

Als telefoon en internet wegvallen, weet niemand meer wie in orde is en wie hulp nodig heeft. Noodcommunicatie draait niet om een mooi toestel, maar om afspraken: wie luistert wanneer, wat zeg je, en wie gaat lopen als de radio zwijgt. Die afspraken maak je voordat het misgaat, want daarna kun je ze niet meer rondbellen.

Als er nog hulp is Bel 112 zolang dat lukt. Werkt 112 niet, ga dan naar een brandweerkazerne, een politiepost of een noodsteunpunt als dat er is.

Eerst doen

  1. Spreek met je huis en je buren vaste contacttijden af en schrijf ze op.
  2. Geef elk huis dat schema op papier: kanaal, tijden, wie het gesprek leidt.
  3. Luister elke dag op een vaste tijd naar de radio, ook als er niets lijkt te gebeuren.
  4. Spaar je telefoon, maar zet hem op vaste tijden aan en niet in vliegtuigstand. Anders mis je een NL-Alert.
  5. Bij nood zeg je altijd: wie, waar, wat, hoeveel mensen, wat er nodig is.
  6. Zwijgt de radio op de afgesproken tijd, stuur dan een koerier.

Wat je nodig hebt

  • Een radio op batterijen en, als het kan, portofoons (14.06 Radiosystemen begrijpen).
  • Per huis een kaart met oproepschema, namen en adressen.
  • Een klok die zonder stroom loopt.
  • Schrift, potlood en berichtformulieren (14.08 Berichten vastleggen).
  • Een fluit, een spiegel en een zaklamp (14.09 Signalen afspreken en geven).
  • Een fiets en een waterdichte tas voor de koerier.

Werkwijze

Wat werkt hoe lang

Elk middel valt op een eigen moment weg. Bouw daarom een ladder: valt een trede weg, dan ga je naar de volgende.

№MiddelWerkt zolangGrens
1Telefoon, sms, 112Masten stroom hebbenOp accu in de meeste situaties ongeveer 2 uur, en niet elke mast heeft er een wordt getoetst
2NL-AlertMasten zendenAlleen van de overheid naar jou
3Radio op batterijenEen zender uitzendtAlleen luisteren
4Portofoon, 27 MCJij batterijen hebtEnkele kilometers
5ZendamateursZij stroom en antennes hebbenBeperkt aantal berichten
6SignalenJe een fluit, zon of vuur hebtAlleen wat je hebt afgesproken
7KoerierIemand kan lopen of fietsenUren of dagen, en gevaar onderweg

Bij de stroomstoring in Diemen in 2015 vielen zoveel masten uit dat 112 via mobiel niet meer bereikbaar was. De vaste telefoon valt bij stroomuitval voor de meeste gebruikers meteen weg. Volgens een kosten-batenanalyse uit 2018 houden accu's 112 bij een grote storing in de meeste situaties ongeveer 2 uur bereikbaar, en staan ze bij een deel van de masten. De staatssecretaris legde toen geen hogere eisen op. Of dat nog zo is, is niet nagegaan wordt getoetst. Reken dus niet op de telefoon, ook niet als hij in het eerste uur nog werkt. Bel bij overbelasting niet steeds opnieuw. Stuur liever één sms en wacht wordt getoetst (DK.14 Smartphone en tablet).

NL-Alert, zolang het werkt

NL-Alert stuurt een bericht via cell broadcast naar alle telefoons bij een mast. Je hoeft niets te installeren.

  • NL-Alert werkt ook als het netwerk druk is. Zonder bereik, met de telefoon uit of in vliegtuigstand ontvang je niets. Kom je in het gebied, of zet je de telefoon daar aan, dan krijg je een lopende melding alsnog. Op de eerste maandag van juni en december is er een test.
  • Bij stroomuitval. KPN meldt dat je bij een korte uitval nog berichten krijgt. Bij langere uitval kunnen de masten uitvallen en krijg je er waarschijnlijk geen. Een concept-besluit eist 24 uur noodstroom voor de centrale locaties van de aanbieders. Dat gaat niet over elke mast, en de definitieve tekst is niet gelezen wordt getoetst.
  • Een telefoon op stil kan een melding geluidloos binnenkrijgen. Dat verschilt per merk. Op niet storen mis je het bericht volgens de Rijksoverheid. Kijk dus zelf op vaste tijden.

Een NL-Alert beschrijft de gebeurtenis, wat je moet doen en waar je meer hoort (01.07 Informatie beoordelen). Schrijf het letterlijk over en geef het door (14.08 Berichten vastleggen). Zorg dat er iemand is die het voor anderen kan lezen.

In Nederland oefenen regio's met noodsteunpunten, waar je bij uitval van 112 hulp kunt vragen. Dat zijn oefenlocaties, geen vaste voorziening. Vanaf 2027 bepalen de veiligheidsregio's en het Rijk hoe het verder gaat. Bij de landelijke 112-storing van juni 2019, die door een storing bij KPN kwam, adviseerde de politie hulp te zoeken bij politiebureaus en brandweerkazernes. Vraag bij je gemeente of veiligheidsregio na waar je dan heen moet wordt getoetst. Zonder alarmnummer organiseer je het zelf (06.03 Hulp organiseren zonder alarmnummer).

Vaste luistertijden

Een radio die altijd aanstaat, is snel leeg. Twee radio's die op verschillende tijden aanstaan, horen elkaar nooit. Daarom spreek je tijden af. Dat is de belangrijkste afspraak van dit hoofdstuk.

  1. Kies tijden die iedereen kan onthouden, bijvoorbeeld kort na het hele uur.
  2. Zet alle klokken gelijk en houd ze gelijk (14.14 Tijd en kalender bijhouden). Zendamateurs schrijven in UTC, spreek dus af welke tijd je noemt.
  3. Houd de luistertijd kort: vijf minuten is genoeg wordt getoetst.
  4. Spreek een extra tijd af voor als de eerste niet lukt.
  5. Luister ook naar de omroep kort na het hele uur, want veel zenders brengen dan nieuws wordt getoetst.

Oproepschema

Dit voorbeeld is een eigen voorstel van de redactie, geen norm wordt getoetst. Pas het aan op je batterijen.

№TijdWatWie
108:00Omroep en kortegolf beluisteren, nieuws noterenLuisterpost
208:15Rondroep van de straat op PMR446Alle huizen
313:00Omroep beluisterenLuisterpost
418:00Omroep beluisterenLuisterpost
518:15Rondroep van de straatAlle huizen
621:00Korte luistertijd voor nood, 5 minutenEén post per straat

De eerste 72 uur kun je vaker oproepen, bijvoorbeeld elk uur. Hoe gaat een rondroep?

  1. De netleider noemt de tijd en roept de huizen op in een vaste volgorde.
  2. Elk huis antwoordt met één zin: "Huis 4, alles goed" of "Huis 4, bericht".
  3. Eerst komen de noodberichten, dan dringende, dan gewone.
  4. Blijft een huis stil, dan roept de netleider nog één keer aan het eind.
  5. Twee rondroepen op rij geen antwoord? Stuur iemand kijken.
  6. Geen antwoord is geen bewijs dat er iets mis is. Een lege batterij kan ook. Noteer wat je weet.

Wijs twee netleiders aan, zodat er altijd een is.

Korte berichten

Een kort bericht bespaart stroom en voorkomt fouten. Gebruik het sjabloon uit 01.06 Contact met naasten: naam, plek, behoefte, volgend contact. Zet het eerst op papier. Schrijf in telegramstijl, zonder beleefdheden. Spreek langzaam, met ongeveer een seconde tussen de woorden als de ander moet schrijven.

№WoordBetekenis
1OverIk ben klaar, jij mag praten
2UitEinde gesprek, geen antwoord nodig
3HerhaalZeg het nog eens
4Herhaal woord na …Zeg alleen het woord na … nog eens
5OntvangenIk heb het bericht
6WachtEven stil, ik kom terug

Dit voorbeeld is aangepast naar een voorbeeld van de IARU:

"Huis 1, hier huis 4. Ik heb een bericht. Over." "Hier huis 1. Ik ben klaar. Over." "Bericht begint. Nummer vier. Tijd één-acht-drie-twee. Aan post Dorpshuis. Tekst: twee dragers nodig Kerkstraat één-twee. Bericht eindigt. Over." "Herhaal woord na dragers. Over." "Dragers Kerkstraat. Over." "Ontvangen nummer vier. Uit."

Geef berichten een voorrang. Noodverkeer gaat altijd voor.

№LetterBetekenisVoorbeeld
1ENood, levensgevaarBrand, zware bloeding
2PDringend, geen direct levensgevaarWaterpomp stuk
3RGewoonAfspraak voor morgen

De IARU kent E, P en R. Berichten over hoe het met iemand gaat, heten daar welfare. Geef die hier R, tenzij ze dringend zijn. Dat is een keuze van de redactie.

Noodprocedure

Gebruik de noodoproep alleen bij direct gevaar voor een mensenleven. Op zee werkt het zo, volgens Maritime New Zealand. Op je portofoon of 27 MC gebruik je dezelfde opbouw wordt getoetst. MAYDAY wordt in elk land begrepen wordt getoetst. Kies je afgesproken kanaal, of 27 MC kanaal 9. Marifoonkanaal 16 is voor wie een marifoon mag gebruiken (14.06 Radiosystemen begrijpen).

  1. Zeg drie keer: MAYDAY, MAYDAY, MAYDAY.
  2. Zeg: hier, en drie keer je naam of plek.
  3. Zeg nog een keer MAYDAY en je naam.
  4. Zeg waar je bent: adres, of richting en afstand vanaf een bekend punt.
  5. Zeg wat er aan de hand is en welke hulp je nodig hebt.
  6. Zeg hoeveel mensen het zijn, en wat verder helpt.
  7. Zeg: over. Wacht kort. Geen antwoord? Herhaal, en probeer een ander kanaal.

PAN PAN gebruik je bij iets dringends zonder direct levensgevaar wordt getoetst.

Hoor je een noodoproep? De IARU-procedure zegt:

  1. Stop direct met zenden en luister.
  2. Schrijf op wat je hoort: wanneer, waar, wat, hoeveel mensen, welke hulp, wie het al weet.
  3. Blijf luisteren tot duidelijk is dat iemand anders helpt.
  4. Zend pas als je echt kunt helpen.
  5. Volg de leidende post. Dat is meestal de post in nood, of wie die aanwijst.
  6. Beperk je tot de verbinding. Advies en plannen laat je aan wie daarvoor verantwoordelijk is.

Geef de oproep daarna door aan wie kan helpen, zonder de leidende post te storen. Op zee heet dat MAYDAY RELAY wordt getoetst. Breng hem zo mogelijk bij 112 of bij een zendamateur van DARES, die de lijn naar de veiligheidsregio kan hebben wordt getoetst.

De Nederlandse regeling voor amateurs en scheepvaart verbiedt valse noodoproepen en eist dat je een abusievelijk alarm herroept. Doe dat ook als die regeling niet voor jou geldt: geef nooit vals alarm en trek een vergissing meteen in.

Het fonetisch alfabet

Over de radio lijken B, D, P en T op elkaar. Daarom spel je namen, adressen en codes met dit internationale alfabet.

№LetterWoordLetterWoordLetterWoord
1AAlfaJJuliettSSierra
2BBravoKKiloTTango
3CCharlieLLimaUUniform
4DDeltaMMikeVVictor
5EEchoNNovemberWWhiskey
6FFoxtrotOOscarXX-ray
7GGolfPPapaYYankee
8HHotelQQuebecZZulu
9IIndiaRRomeo

Bronnen verschillen in kleine dingen, zoals X-ray of Xray en Whiskey of Whisky wordt getoetst. Zeg cijfers één voor één: twaalf wordt "één-twee". Zeg eerst het woord en spel daarna: "Kerkstraat, ik spel: Kilo Echo Romeo Kilo …". Nederland heeft ook een eigen spelalfabet met namen wordt getoetst. Gebruik in een gemengde groep alleen deze lijst. Zet hem op de kaart bij de radio.

Spiegel, vuur en andere signalen

Zonder radio kun je nog steeds iets zeggen, maar weinig tegelijk. Het signaalplan staat in 14.09 Signalen afspreken en geven. Hier kies je wat past.

№SituatieKies
1Zon en iemand ver weg, op een heuvel of in de luchtSpiegel (VK.F02 Seinen met een spiegel)
2Overdag, zonder zon, je wilt van ver gezien wordenRook (VK.F01 Een signaalvuur bouwen)
3Nacht, vrij zichtVuur of lamp, morse als beide kanten het kennen (VK.F04 Morse met licht en geluid)
4Mist, bos, of iemand kwijtFluit (VK.F03 Fluitsignalen)

Drie van iets betekent nood: drie flitsen, drie stoten, drie vuren. Een signaal zegt alleen dát er iets is. Daarna moet er iemand komen. Spreek dus altijd af wie gaat kijken.

De koerier

De koerier is het laatste middel: geen stroom, geen frequentie, wel het volledige bericht. Hij is traag en loopt risico.

  1. Stuur altijd een geschreven bericht, geen mondeling verhaal (14.08 Berichten vastleggen).
  2. Bewaar een kopie en noteer: wie, welke route, vertrek, verwachte terugkomst.
  3. Stuur bij voorkeur twee mensen, zeker buiten je eigen buurt.
  4. Kies de route vooraf en een tweede route (14.03 Routes voorbereiden).
  5. Ga overdag en met de fiets als het kan (14.12 De fiets als ruggengraat). Reken op 4 km per uur lopend en 12 km per uur fietsend met bagage wordt getoetst.
  6. Laat de ontvanger tekenen voor ontvangst, met tijd. Neem antwoord mee.
  7. Spreek af wanneer je mensen gaan zoeken, en doe dat ook.

Een vaste rit tussen twee posten, bijvoorbeeld om de twee dagen, werkt beter dan losse tochten.

Zo weet je dat het werkt

  • Bij een oefening antwoorden alle huizen in de rondroep binnen tien minuten wordt getoetst.
  • Een bericht van tien woorden komt letterlijk goed aan, ook bij een tweede post.
  • Iedereen kan een noodoproep doen met de kaart in de hand.
  • Iemand kan zijn naam foutloos spellen.
  • Een koerier heeft een oefenrit gedaan en was op tijd terug.

Zo weet je dat het misgaat

  • Het oproepschema is onbekend bij nieuwkomers: deel het opnieuw uit, ook in andere talen waar nodig.
  • Iedereen praat tegelijk: wijs een netleider aan en laat alleen op zijn teken praten.
  • Berichten worden te lang: schrijf ze eerst op en schrap wat niet nodig is.
  • Batterijen raken op: verminder de tijden. Bewaar een laatste set voor nood.
  • Een post blijft stil: gebruik de ladder, stuur een koerier.
  • Geruchten gaan via de radio rond: noteer bron en tijd, beoordeel eerst (01.07 Informatie beoordelen).

Gevaar · Vuur als signaal Een signaalvuur kan een natuurbrand worden, zeker in een droge lente of zomer op heide, in duinen en in dennenbos. Houd je aan stookverboden zolang die gelden (01.12 Vuur maken en beheren). Gebruik vuur alleen op kale grond en met water klaar. Zwarte rook van banden en olie is giftig.

Gevaar · Koerier en openbare lucht

  • Een koerier alleen, in het donker of door een onbekend gebied, kan gewond raken of worden beroofd. Stuur twee mensen en houd je aan de tijd (15.11 Wacht lopen en waarschuwen).
  • Radio is openbaar. Noem geen voorraad, geen lege huizen en geen route van een koerier.
  • Richt een spiegelflits niet lang op de ogen van mensen of op een piloot.

Als je iets mist

№Mis jeGebruik dan
1PortofoonFluit, lamp, doorgeefposten, koerier
2KlokVaste momenten: zonsopgang, middag, zonsondergang (14.14 Tijd en kalender bijhouden)
3PapierKrijt op een plank, de achterkant van een doos
4FietsLopen, met een extra rustplek onderweg
5NetleiderVaste volgorde: het laagste huisnummer begint
6TelefoonkaartPapieren lijst uit je noodplan (01.06 Contact met naasten)

Achtergrond

Bij stress onthouden mensen weinig wordt getoetst. Vaste woorden, een vast sjabloon en een vast tijdstip nemen beslissingen weg. Een alfabet met woorden werkt omdat een heel woord door ruis heen te herkennen is, ook als één klank wegvalt wordt getoetst. Vaste tijden werken als stroom schaars is: je zet de radio aan op het moment dat de ander dat ook doet. Schepen hielden om die reden vroeger vaste stilteperiodes op de noodfrequentie wordt getoetst. Bewijs: geen ontvangst van NL-Alert zonder bereik A (informatie van de overheid). Uitval van mobiele netten bij langere stroomuitval B (Kamerbrief 2018 over Diemen 2015; cijfers kunnen verouderd zijn). Vaste opbouw van noodoproep en voorrang van noodverkeer B (internationale procedures). Vaste luistertijden en rondroep C (eigen voorstel, geen vergelijkend onderzoek). Eén enkel communicatiemiddel vertrouwen D.

Volgende niveau

Oefen elke maand een rondroep en een koerierstocht. Maak een luisterpost met een vaste bezetting. Leg een lijn van doorgeefposten aan naar het volgende dorp. Leer de groep morse (VK.F04 Morse met licht en geluid). Sluit aan bij zendamateurs (14.06 Radiosystemen begrijpen). Leg alles vast in het log (14.08 Berichten vastleggen).

Controlelijst

  • Ik ken de vaste luistertijden en het kanaal van mijn straat.
  • Ik heb een papieren kaart met oproepschema, alfabet en noodoproep.
  • Ik weet dat NL-Alert alleen werkt met bereik en zonder vliegtuigstand.
  • Ik kan een noodoproep doen: wie, waar, wat, hoeveel, welke hulp.
  • Ik stop met zenden en schrijf op als ik een noodoproep hoor.
  • Ik kan mijn naam en adres spellen met het alfabet.
  • Ik weet wanneer we een koerier sturen en wanneer we hem gaan zoeken.

Verantwoording

Niet onderbouwd en daarom gemarkeerd: de huidige accuduur van masten, sms bij overbelasting, de definitieve eisen aan NL-Alert, opvangpunten per regio, de rol van DARES bij doorgeven, de duur van een luistertijd, nieuws op het hele uur, het schema, MAYDAY op PMR446 en 27 MC, PAN PAN, MAYDAY RELAY, snelheden van koeriers, de tijd van een rondroep, het effect van spelwoorden en stilteperiodes. Toets door een radiozendamateur en iemand van een veiligheidsregio. Getoetst door: nog niet.

Open in de app en bewaar offline