Het Nulpunt, startpagina
  1. Home
  2. Kennis
  3. Landbouw, dieren & ecosystemen
  4. Een paard of ezel aanspannen voor een kar

Vaardigheid · Landbouw, dieren & ecosystemen

Een paard of ezel aanspannen voor een kar

Veilig vast, veilig los

Concepttekst. Nog niet getoetst door een vakdeskundige. Volg altijd actuele instructies van de overheid en hulpdiensten. Bij acuut gevaar: bel 112.

Gevaar · Wegrennen Een paard dat met een halve kar wegrent, is een gevaar voor iedereen. Laat het dier nooit alleen aangespannen staan. Werk altijd met een helper aan het hoofd, en leer mennen eerst met een getraind dier en een ervaren menner.

VK.I03: vier verschillende scènes voor een paard of ezel aanspannen, met handmatig gezette uitleg.
Gegenereerd beeld, geen praktijkfoto.

Waarvoor

Een paard of ezel aan een kar vervoert in een dag meer dan tien mensen kunnen dragen. Bij aanspannen en afspannen gebeuren de meeste ongelukken. Met een vaste volgorde voorkom je dat een geschrokken dier met een halve kar wegrent.

Wat je nodig hebt

  • Een dier dat gewend is aan tuig en kar. Een ongetraind dier leer je dit eerst stap voor stap, zonder kar.
  • Compleet tuig: hoofdstel met bit en leidsels, borsttuig of haam met strengen, zadeltje met draagogen en buikriem, broek
  • Een kar met lamoenen die passen: de punten komen tot de schouder
  • Een helper

Stappen

Tuig opleggen

  1. Bind het dier vast met een halster en een knoop die je met één ruk losmaakt.
  2. Leg het borsttuig of de haam om. Het borsttuig ligt horizontaal, onder de luchtpijp en boven het schoudergewricht.
  3. Leg het zadeltje achter de schoft. Sluit de singel zo dat er een vlakke hand tussen past.
  4. Leg de broek om de achterhand, een handbreedte onder de staartwortel.
  5. Leg als laatste het hoofdstel om. Doe het halster eronder of erover voor de helper.

Aanspannen

  1. Laat de helper het dier aan het hoofd vasthouden. Het dier staat stil.
  2. Til de lamoenen omhoog en rij de kar van achteren naar het dier toe. Kom nooit van voren of van opzij met een kar aan.
  3. Schuif de lamoenen aan beide kanten door de draagogen van het zadeltje.
  4. Maak de strengen vast aan de kar, eerst links, dan rechts. Ze lopen recht van de borst naar de kar en zijn even lang.
  5. Maak de broekriemen vast om de lamoenen.
  6. Sluit de buikriem losjes om beide lamoenen, zodat ze niet omhoog kunnen schieten.
  7. Pak de leidsels. Controleer alles nog één keer aan beide kanten. Pas dan laat de helper het hoofd los.

Afspannen, precies andersom

  1. Laat de helper het hoofd vasthouden.
  2. Maak de buikriem los, dan de broekriemen, dan de strengen.
  3. Til de lamoenen uit de draagogen en rij de kar naar achteren weg.
  4. Haal pas dan het hoofdstel af.

Zo controleer je het

  • Tussen borsttuig en luchtpijp past een hand; het borsttuig drukt niet op het schoudergewricht.
  • De lamoenen hangen horizontaal en eindigen bij de schouder.
  • Bij bergaf duwt de kar tegen de broek, niet tegen de achterbenen.

Veelgemaakte fouten

  • De strengen als laatste vastmaken of als eerste losmaken. Het dier loopt weg met de lamoenen in de draagogen en geen kar die trekt.
  • Het hoofdstel afdoen terwijl het dier nog aan de kar zit.
  • Een tweewielige kar zonder broek in heuvels.

Gevaar · Wegrennen Een paard dat met een halve kar wegrent, is een gevaar voor iedereen. Laat het dier nooit alleen aangespannen staan. Werk altijd met een helper aan het hoofd, en leer mennen eerst met een getraind dier en een ervaren menner.

Oefenen Oefen tien keer aanspannen en afspannen op een rustige plek, zonder te rijden.

Proeve Je spant met een helper in 10 minuten aan en in 5 minuten af, zonder één stap in de verkeerde volgorde, en een ervaren menner keurt elk onderdeel van het tuig goed.

Open in de app en bewaar offline