Vaardigheid · Onderdak, vuur & warmte
Breien: opzetten, recht breien en afkanten
Je eerste lap, sjaal of muts
Concepttekst. Nog niet getoetst door een vakdeskundige. Volg altijd actuele instructies van de overheid en hulpdiensten. Bij acuut gevaar: bel 112.

Waarvoor
Met één steek en twee naalden brei je sjaals, mutsen, dekens en lappen. Brei je elke rij recht, dan heet dat ribbelsteek: dik, warm, rekbaar en plat.
Wat je nodig hebt
- Twee breinaalden van 4 tot 5 mm, of twee gladde hardhouten stokjes met afgeronde punten, ingewreven met bijenwas
- Garen van ongeveer 2 mm dik, liefst wol in een lichte kleur
Stappen
Opzetten met de breiopzet
- Maak een lus 15 cm van het eind van de draad en schuif hem losjes op de linkernaald.
- Steek de rechternaald van voren in de lus, van links naar rechts, zodat de rechternaald achter de linkernaald ligt.
- Sla de werkdraad tegen de klok in om de rechternaald (gezien vanaf de punt). De draad ligt nu tussen de twee naalden.
- Haal met de rechternaald de draad door de lus naar voren. Je hebt een nieuwe lus op de rechternaald.
- Zet die nieuwe lus op de linkernaald, naast de eerste. Haal de rechternaald eruit.
- Herhaal stap 2 tot 5 in de nieuwste lus tot je 20 steken hebt.
Een rechte steek breien
- Houd de naald met de steken in je linkerhand. De werkdraad hangt achter het werk.
- Steek de rechternaald van voren naar achteren in de eerste steek, van links naar rechts.
- Sla de draad tegen de klok in om de rechternaald, net als bij het opzetten.
- Haal de draad met de rechternaald door de steek naar voren.
- Laat de oude steek van de linkernaald glijden. De nieuwe steek staat op de rechternaald.
- Brei zo alle steken. Wissel dan de naalden van hand en begin de volgende rij.
- Tel na elke rij: het moeten er 20 blijven.
Afkanten
- Brei twee steken.
- Steek de punt van de linkernaald in de eerste van die twee (verst van de punt), til hem over de tweede heen en van de naald af.
- Brei één steek en til opnieuw de vorige erover. Herhaal tot er één steek over is.
- Knip de draad 15 cm af en haal hem door de laatste lus. Trek aan.
- Naai beide staartjes met een stopnaald 5 cm weg in de rand.
Zo controleer je het
- De lap heeft rechte zijkanten en is overal even breed.
- Om de twee rijen zie je één ribbel.
- De afkantrand rekt even ver mee als de rest.
Veelgemaakte fouten
- Een gevallen steek: er loopt een ladder naar beneden. Pak hem op met een haaknaald en werk hem rij voor rij omhoog.
- Een extra steek: de draad hing per ongeluk voor het werk toen je begon. Houd hem achter.
- Te strak breien of afkanten: de naald gaat moeilijk in de steek en de rand trekt samen.
Oefenen Brei elke avond tien rijen op hetzelfde lapje. Tel na elke rij.
Proeve Je breit in hooguit 4 uur een lap van 20 bij 20 cm in ribbelsteek, met 20 steken aan het begin en het eind en zonder gaten.
Varianten
- Averechtse steek: draad voor het werk, naald van rechts naar links in de steek. Om en om een rij recht en averecht geeft gladde tricotsteek.
- Rondbreien op vier naalden voor sokken en mutsen zonder naad.